inloggen
voeg je poezie toe dichtwoordenboek

tabblad: poezie

< vorige | alles | volgende >

poezie (nr. 2363):

De bladerloze bomen

De bladerloze bomen, on-
gedurig en verlegen,
staan vechtende in den voorjaarswind,
en weg- en weêrgeslegen;
ze buigen, dat de grond opheft
en dat hun wortelpezen,
hoe vaste ook en hoe verre en die-
pe zijwaards ingevezen,
begeven moeten. ’t Zoeft alom
en ’t zucht. De takken tieren
lijk wolven, die verhongerd in
de wilde bossen zwieren.
Geen mussen meer, geen vogels, die ’t
bestaan een huis te nazen,
daarin zo menige onbekende
en boze gasten razen:
ze vluchten! ’t Is al eendlijkheid,
al woede, en wilde vlagen,
die, tegen ’t taaie takgebouw
vereend, hun wijsheid wagen,
en wijken moeten. Buigen maar,
gij bomen: eer veel tijden
zal ’t uitgewaaid en verder zijn
gevlucht, dat felle strijden.


---------------------------
nazen: naderen

Schrijver: Guido Gezelle
Inzender: adm, 4 feb. 2009


Geplaatst in de categorie: jaargetijden

2,6 met 14 stemmen 3.874



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)