inloggen
voeg je poëzie toe

Poëzie

1902 - 1965

poëzie (nr. 3.952):

Achterbalkon

Het menselijk gelaat - hoe droef mistekend,
des morgens in de tram grauw van de nacht,
des avonds in de tram grauw afgejacht
van al waar men zich deerlijk in verrekent.

Retour kantoor, kliniek en magazijn
tobt elk om wat men zich ziet tegenvallen.
Zie in de mondhoek, onder de oogwallen
onverwisselbaar de paraaf der pijn.

Hoe als nu plotseling de bazuinen schallen,
het hoge hemellicht neerstraalt op allen?
Verhoord gebed, gevonden wat gij zocht!

Doch God is zuinig op zijn wonderwerken,
hij vreest dat zij het zelfs niet zouden merken,
tegen elkander schuddend in de bocht.

Orcus en Orpheus (1941)

Schrijver: Anthonie Donker
Inzender: Redactie, 24 nov. 2016


Geplaatst in de categorie: humor

3,5 met 4 stemmen aantal keer bekeken 713

Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:
Gerrit
Datum:
9 nov. 2019
Doet me denken aan "Gezwinde grijsaard" van P.C. Hooft.

Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)