gedichten.nl
Gebruikersnaam of e-mail:  Wachtwoord:    Registreren
start rijmen vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud











bal bal
rssRSS




Categorieën:

(2)
actualiteit (20)
adel (2)
afscheid (90)
algemeen (45)
bedankt (2)
biologie (9)
dieren (124)
discriminatie (1)
drank (9)
economie (5)
eenzaamheid (131)
emoties (423)
erotiek (23)
ex-liefde (76)
familie (43)
feest (27)
film (5)
filosofie (122)
fotografie (12)
geboorte (14)
geld (3)
geweld (17)
haiku (14)
heelal (29)
hobby (10)
humor (99)
huwelijk (27)
idool (8)
individu (218)
jaargetijden (127)
kerstmis (25)
kinderen (109)
koningshuis (4)
kunst (40)
landschap (52)
lichaam (76)
liefde (349)
lightverse (61)
limerick (1)
literatuur (96)
maatschappij (122)
mannen (13)
media (1)
milieu (9)
misdaad (10)
moederdag (4)
moraal (19)
muziek (42)
mystiek (6)
natuur (224)
oorlog (70)
ouders (85)
overig (34)
overlijden (106)
partner (36)
pesten (3)
planten (12)
poesiealbum (2)
politiek (11)
psychologie (41)
rampen (6)
reizen (73)
religie (54)
schilderkunst (17)
school (20)
sinterklaas (2)
sms (2)
snelsonnet (17)
songtekst (4)
spijt (15)
sport (29)
taal (61)
tijd (147)
toneel (12)
vakantie (11)
valentijn (3)
verdriet (47)
verhuizen (4)
verjaardag (10)
verkeer (15)
voedsel (19)
vriendschap (37)
vrijheid (57)
vrouwen (30)
welzijn (29)
wereld (62)
werk (37)
wetenschap (16)
woede (12)
woonoord (112)
ziekte (27)


Kaart van je gedicht





Garnier Projects


depressie test
burn out test
Angst


tabblad: gedichten

< vorige | alles | volgende >

gedicht (nr. 463):

IN MEMORIAM

De blaren vallen in de gele grachten;
Weer keert het najaar en het najaarsweer
Op de aarde, waar de donkre harten smachten
Der levenden. Hij ziet het nimmermeer.

Hoe had hij dit bemind, die duistre straten,
Die atmosfeer van mist en zaligheid,
Wanneer het avond wordt en het verlaten
Plaveisel vochtig is en vreemd en wijd.

Hij was geboren voor de stille dingen,
Waarmee wij leven - maar niet even lang -
Waarvan wij 't wezen slaken in ons zingen,
Totdat wij zinken, en met ons de zang.

Het was een herfst als nu: de herfsten keren,
Maar niet de harten, na hun korte dag;
Wij stonden, wreed van menselijk begeren,
In de ademloze kamer, waar hij lag.

En voor altijd is dit mij bijgebleven:
Hoe zeer veel stiller dood dan slapen is;
Dat het een daaglijks wonder is, te leven,
En elk ontwaken een herrijzenis.

Nu weer hervind ik mij in het gewijde
Seizoen, waar de gevallen blaren zijn
Als het veeg zonlicht van een dood getijde,
En denk: hoelang nog leef ik in die schijn?

Wat blijft ons over van dit lange derven,
Dat leven is? Wat, dat ik nog begeer?
Voor hem en mij een herfst, die niet kan sterven:
Zon, mist en stilte, en dan voor immermeer.

- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
uit Verzamelde Gedichten van J.C. Bloem (1887-1966)

schrijver

Schrijver: J.C. Bloem
Inzender: J.A., 12-09-2002



balBiografie van deze schrijver





Geplaatst in de categorie: jaargetijden

Zoek naar vergelijkbare inzendingen


Deze inzending is 23456 keer bekeken

3/5 sterren met 50 stemmen.







Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

Naam:       E-mail:  

Bericht:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)









start  |   rijmen  |   vragen  |   forum  |   links  |   zoek  |   contact  |   gastenboek
inhoud           snelsonnet           gedichten           netgedichten
poëzie       hartenkreten       nederlands.nl
adverteren
vrijwaring