biografie: Gentil Antheunis
1840 - 1907
Antheunis (Gentil Theodoor), schoonzoon van H. Conscience, geb. te Oudenaarde 9 Sept. 1840, was van 1859 tot 1860 leraar in het college zijner geboortestad en in 1861 leraar te Dendermonde. Vervolgens studeerde hij aan de Hogeschool van Gent, promoveerde in 1866 en werd 1 Jan. 1868 vrederechter te Oost-Rozebeke. Van daar ging hij in dezelfde hoedanigheid naar Thourout. De 15 Juli 1877 werd hij vrederechter te Halle en vervolgens te Brussel, waar hij zijn ambt nog uitoefent.
Hij schreef in verschillende dagbladen en tijdschriften liederen en gedichten, waarvan erverscheidene door Willem Demol op muziek zijn gezet, onder anderen: Lentelied, Ik ken een lied, Droeve tijden, Bethlehem, enz. Zij zijn allen verenigd in éen bundel 1873. In 1874 werd hij door de Antwerpse Rederijkkamer de Olijftak bekroond voor een Minnelied. Verdere werken: Uit het hart, Liederen en gedichten, Dendermonde en Leiden, 1875; Liederkrans, uit de Loverkens van Hoffmann van Fallersleben, met muziek van G. Antheunis, Gent, 1877; Leven, lieven en zingen, Gent, 1879.
Inzendingen van deze schrijver
20 resultaten.Betlehem
poëzie
4.5 met 2 stemmen
3.813 Kerstlied.
Aan mijne zuster Mathilde.
Rorate, coeli, desuper, et nubes pluant Justum!
Dauw, hemelen, van boven en dat de wolken
regenen de Gerechte!
Adventlied.
koor.
Voor ons, met kwaad en leed belaân,
Voor ons, die in het slijk vergaan,
Is Hij geboren
In ene stal,
De God, de meester van 't heelal,
Van ene Maged…
Verlaten
poëzie
3.1 met 14 stemmen
4.134 De wind zucht droevig in de schouw.
'k Zit hier alleen, het hart vol rouw,
Te denken.
Ik zocht naar liefde en vond bedrog.
Wat heil kan mij het leven nog
Wel schenken?
Het leed versmoren in de wijn,
't Gedacht verstompen, dronken zijn,
Kan 't baten?
De drank bereidt ons niets dan gal,
En morgen vond ik mij weeral
Verlaten.
Geen liefde…
Droeve Tijden
gedicht
3.7 met 199 stemmen
36.319 ’t Zijn droeve tijden als de oorlog woedt,
Als mensen men slacht lijk dieren,
Als mensenbloed bij beken vloeit.
Als vrede en liefde liggen geboeid
Als haat
En kwaad,
Als nood
En dood
Grijnzen en vloeken en tieren.
'Waar is nu toch mijn arme man?
‘k Verga van angst! ik sterf ervan!
Ach! wat verschil bij ’t voor…
't Lied der Minne
poëzie
3.3 met 10 stemmen
1.728 Kent gij 't lied der minne,
't Schoonste lied van al?
‘t Klinkt door woud en velden,
't Dreunt door berg en dal;
't Vloeit van hart tot harte,
't Zingt van mond tot mond,
't Leeft van eeuw tot eeuwe,
Land en wereld rond.
Ja! waar dringt het niet?
Ja! wie zingt het niet,
't Zoete lied
Der minne?
Zij zaten daar getweeën…
Wat is de Wereld
poëzie
3.7 met 3 stemmen
3.390 Er liep een dierken op mijn hand,
Zo kleen, zo bitter kleen!
Hoe was het daar wel aangeland?
Waar wilde en mocht het heen!
't Liep onder, boven, hier en daar,
En 't stropte dikwijls aan een haar,
En 't weerde en 't woelde zich half dood;
Dan riep het eindlijk in zijn nood:
‘Och God! och God! wat is de wereld,
Wat is de wereld toch…
Verrukking
poëzie
3.1 met 8 stemmen
2.915 Ik wense geen rijkdom, geen pracht of geen weelde;
Ik wense geen macht of geen klink ende faam;
Ik dichte en ik zinge geknield voor uw voeten,
Mijn blik in uw oog en de handen te zaâm.
Gij hebt mij een toverend woord toegefluisterd;
Ik heb met het hoofd op uw schouder gerust.
't Verledene leed was vergeten, verzonken,
En 'k heb het geluk van…
De Koffie
poëzie
4.3 met 3 stemmen
1.757 In 't Oosterland zijt gij geboren,
In 't zonnig, 't weeldrig Oosterland,
O koffie, kostelijke pand,
O koffie uitverkoren.
Opgelet!
Wij hebben hem zelf op het vuur gezet,
En eerst de bonen uitgekozen:
En langzaam en langzaam de trommel gedraaid,
De nijdige, blakende vlamme gepaaid
Bij pozen.
Daar rolt hij nu glanzend en bruin…
Waar woont 't Geluk?
poëzie
4.1 met 8 stemmen
2.020 Als ik laatst de Luxemburgse bergen,
Wand'lend, zingend hier en daar doorkruiste,
Trof mijn blik een huisje aan.
't Stond daar zo verwijderd, zo allene,
Tussen bomen, met de voet in 't water,
En ik bleef een wijle staan.
En ik dacht: ‘Men loopt geheel zijn leven
Om 't geluk te zoeken en te vinden,
Maar men vindt, men vindt het…
Afscheid
poëzie
4.8 met 4 stemmen
1.597 Dus is eindlijk 't uur geslagen,
't Lang gevreesde, droevig uur!
'k Voel mijn hart onstuimig jagen;
Ach! wat kost me uw afscheid duur.
Tranen wellen in mijn ogen
Bij het zingen van mijn lied;
Denk aan mij in uw gebeden,
Liefste, neen, vergeet mij niet.
Als de koele lente weder
De aarde siert met bloem en vrucht;
Als het lieve zuidenwindje…
Zij was zo jong
poëzie
4.3 met 3 stemmen
1.509 Zij was zo jong en schoon, en blozend als de roze,
Zij telde nauwlijk vijftien jaar.
De doodesengel kwam en nam de vlekkeloze,
Als of 't een echte bloeme waar'.
Zij was zo jong! De liefde sloeg haar wonden,
Met haren geur'ge toverstaf;
Zij wilde 't leven in, en vroeg naar zaal'ge stonden,
En aarzelde op de boord van 't graf.…
Laatste Wens
poëzie
3.7 met 3 stemmen
1.167 Wanneer ge mij begraven zult,
Als laatst vaarwel en laatste huld,
Zal rouw noch traan mij troosten;
Wel eenzaam mag mijn grafsteê zijn,
Maar 'k wou in licht en zonneschijn
Geplaatst zijn, 't oog naar 't Oosten.
En bij de dicht begraasde zoom
Men plante een schaduwrijke boom,
En bloemen, bont van kleuren;
Ik heb de bloemen steeds…
Waarheid
poëzie
3.2 met 4 stemmen
1.654 Bij een hemelreine bronne,
Eer zij 't groene dal bespoelt,
Heb ik dromende eens gezeten,
En mijn hete dorst gekoeld.
'k Heb het dal doorlopen later,
En gezocht de blanke vliet;
'k Vond er menig klare water,
Maar mijn bronne vond ik niet.
In de drang der eerste liefde,
Blozend, aarz'lend en verrukt,
Heb ik, jongeling, de eerste…
Groene Ogen
poëzie
4.0 met 2 stemmen
1.222 Wie kent er het lied of de sage,
Wie kent ze niet allebeî;
Van ene waternimfe,
Die heette Lorelei?
Zij zat op een rots langs het water,
En lokte met ogen en mond
De arme eenvoudige schipper,
Tot dat hem de maalstroom verslond.
Ik ken ene vrouw of een maged,
Zo snood als de nimf van het lied;
Haar schoonheid is even verleidend,…
Boven ons Hoofd
poëzie
3.0 met 2 stemmen
1.445 Als de lente wederkomt,
Als het bieke op de bloemkens bromt,
Als het zonneke lacht en streelt,
Als het vogelke springt en kweelt,
Boven ons hoofd, in de blaren;
Op het lieve plekske dan,
Zitten wij weer als vrouw en man,
Waar we als verloofden gezeten waren.
Dan, o liefste vrouwke mijn,
Onder des hemels blauwe schijn,
Wisselen…
De Schuchtere
poëzie
4.0 met 2 stemmen
1.553 Zij lonkte naar mij, zo verscholen.
Haar blik scheen te zeggen: ‘Welaan!’
Ik stond daar op brandende kolen,
En kon toch geen stapje vergaan.
't Hart poppelde mij van verlangen!
Och God! wat de liefde toch is!
'k Vond woorden, zo schoon als gezangen,
En toch bleef ik stom als een vis.
Dan naderde ik zo maar gedurig.
Zij spoorde…
Mijn kind, mijn leven
poëzie
4.0 met 3 stemmen
2.042 Ik weet het wel, ik weet het wel;
De liefde lokt en dwingt zo fel.
De blik der liefste is zonneschijn,
Haar adem geurt als ambrozijn,
Haar kus vervoert tot waanzin toe,
En nimmer is men 't kussen moe.
Maar wat is, liefde, uw gloeiend vuur,
En uw genot, zo kort van duur,
Bij de kus van mijn kind, mijn leven?
Wat schokt, beweegt zo diep de…
Verborgene Liefde
poëzie
4.0 met 3 stemmen
1.678 Kein Feuer, keine Kohle kann brennen so heiss,
Als heimliche Liebe, von der niemand nichts weiss.
Des Knaben Wunderhorn.
O mocht gij in 't diepste
Mijns harten daar zien,
Mijn vurig verlangen
Mijn tranen bespiên!
Dan bleef gij niet langer
Zo koud als een steen;
Dan liet gij mij zeker
Zo lang niet alleen.
Want komt gij,…
Kom! De liefde lacht
poëzie
3.8 met 4 stemmen
2.049 Lenteliedje wees niet bang,
Kom maar vrij naar buiten;
Alles vraagt naar klank en zang
Als de bloemen spruiten.
Beken ruisen immervoort,
En de schone rozen
Neigen 't kopke over boord,
Spiegelen zich en blozen.
Jeugd en liefde wandelen stil
Hand in hand en dromen;
't Vogelijn bouwt, naar lust en gril,
't Nestje in de bomen.
Kom, de…
Tirolerlied
poëzie
2.0 met 2 stemmen
2.276 Ik vlucht mijn leger, mijn vreedzame dakje;
'k heb hond noch geweer, door de nacht loop ik heen,
Mijn boezem doorwoelt een knagende smart,
En waar ik ook vlucht, zij volgt mijne schreên.
Voor mij geen rust,
Geen hoop in 't verschiet;
Want zij die ik bemin
Bemint mij toch niet.
Hier eenzaam gezeten op 't hoogste der bergen,
Op rotsen zo…
Lentelust
poëzie
2.2 met 4 stemmen
1.486 Wanneer het ijs zal dooien
Bij zoele zuiderwind,
Zal vreugdig zich ontplooien
Elk harte, dat bemint.
Dan zal de Mei ontwaken,
De jeugdige, lustige Mei,
En zingend zich vermaken
Langs heuvel, dal en wei.
En waar de Mei zal zingen,
En waar de Mei zal gaan,
Zal 't zwellend botje springen
En 't frisse bloemtje ontstaan.
Dan zullen…