VOORZANG
poëzie
(bij een rondedans, op de wijze van 'Hansje sneed dat koren was' etc.)
Ik zie je wel, al ga je snel
U in het bos vertrekken*.
O maagdeken, uw klaar’ aanschijn
En kun di* niet bedekken.
Voor die u mint, mijn lief! Ik bin ’t*,
Ai, wendt uw snelle voetjes!
En is ’t uw wil, zo sta wat stil
Of ga tenminste zoetjes*!
Laat mij toch iets verwerven…

Bezig met laden