Hoe zegt u, beste leerling-tovenaer
U blaest uw kaek en noemt mij kranki-jorum?
U laet mij schrikken, zonder uw decorum
Houd ik uw rede noch fatsoen voor waer!
Weer heeft de twijfel bij mij postgevat
Een storm op woeste hoogten in uw brein
Laait op zo nu en dan, krijgt hij mij klein?
Op uw misnoegen krijgt een mens nooit vat
U houdt mij…
In dank aanvaard ik weer een invitatie
En werp mij op als bard, poëet
en zanger
Van 't korte rijmdicht, ja soms ook wat langer
Al vallen die onnodig uit de
gratie
Ik spreek de hoop uit, niet als ijdel streven
Dat men zich waagt aan allerlei strapatzen
Níet schamen hoeft voor potsierlijke fratsen
'k Weet niet of dat hem wordt, maar hoop…
Welaan ik laat mij thans
nog maar eens gaan
à bout portant zomaar
van mijl op zeven
In avondlijke stonden
in de dreven
verwonderd liefdevol
kijk jij me aan
Een jonge maan voor
samen in het duister
heuvelwaarts rij ik
en jij met mij
Ongezien in schaduw
allebei
alle remmen los
in hees gefluister…