Ik geef je op een briefje dat je las
dat ik besmuikt en stiekem in de zak
verstopte van je donkerblauwe jas
ik voel mij niet senang, op mijn gemak
want spreken doe ik liever face-à-face
als ik het in een mooi gebaar verpak
zoals het frans, de taal die in pays-bas
te zoet is voor een kaaskop, die heeft lak
en ook geen boodschap aan iets…
Deze herkenning houdt een taalexpressie elke nieuwe tijd in het zadel.
Deze constatering maakt duidelijk, dat tijdperken weinig verschillen. Het aanzien van een tijdperk verandert misschien, maar de innerlijke eigenschappen nauwelijks. Vanwege deze eigenschap van de tijd, bestaan tijdloze kunst, literatuur en wetenschap.…
Steeds het vierendelen van taalexpressie tussen de uitersten van gegronde benen en zwevende luchtgezichten. Zie ook de Vijftigers en de erfgenamen van de Vijftigers van vandaag, die reageerden op voorgaande “fouten” en “achterhaalde idealen”.…
(In dit stukje wordt met kunstwerk meestal een taalexpressie bedoeld)
De Duitse dichter Rainer Maria Rilke schrijft in een brief (opgenomen in “Brieven aan een jonge dichter”): “Met niets kom je een kunstwerk minder nader dan met kritiek.”…