Er ligt voor miljoenen cocaïne op de daken
en geminachte zwervers met brave tijdschriften
in hun nicotineklauwen dansen als gestoorde
kannibalen rond de vuurpotten van goud, de
automatisch open-en-dicht-klappende deuren
van Albert Heinztomatenketshup. Ik ken u niet
zei de magere dwaas en hij liep op sandalen
van marmer. Een zeemeermin met reusachtige…
In lichte rumoer rondom, een stad vermomd in schijn, Wortegem in winterglans, onder luchten bleek en fijn.
Een vonkje bleef nog zweven, toen al het lichten zweeg, zo zuiver en zo stil aanwezig, als dauw die over velden streek.
Langzaam gingen de schreden, behoedzaam door den tijd, een glans bleef nog behouden, in zachte eenzaamheid.…