Een tuinder zou komkommers telen
Maar faalt daarin door louter pech
Al zijn komkommers rotten weg
Het lot kan wrede spellen spelen
Hij brengt zijn ploegschaar naar de lommerd
Als tuinder blijft hij onbekommerd…
Drukte in de lommerd,
Handen in ’t haar,
Vlooien en beren,
Bom-bam-muziek!
Lammen en blinden,
Duitser en Griek,
Paardrijderskunsten,
Olie en smeer,
’t Woord van de zotten:
Dát zie je meer.
Wafelfriezinnen,
O, wat een jok!…
tot sla en kwelkomkommers elke dag
het vlees is duur om 5 uur stipt
‘de licht volgroeide lommerd veilig onder rozen’
en terug en op en neer
de vloed van de gewoonte golft
van poes naar wolf naar das en beer;
de vos is ‘em al lang gesmeerd
nu eens dank en dan weer stank
van boom tot plank en dans en zank
en wip en wap en kwinkkwank kwank…