met knokige
vaste hand schuift
hij schriften met
dwalende taal
behoedzaam terzijde
de tafel gegroefd
landschap geëtst in
krassen en kringen
huivert nu hij wordt
blootgelegd
ontdaan van schuivende
veilige dekens niet
alleen de dichter lijdt
pennen zonder houvast
rollen van tafel
iemand raapt iets op
is ontroostbaar
iemand…
doe het toch maar
schrijf maar over het leven
dan schrijf je vanzelf over angst
duisternis verlies en verdriet
zoek een heldere toon
waarin jij jezelf verstaat
graaf het hele leven lang
naar de kern
het duurt te lang
het is te koud om te huilen
doe het toch maar
schrijf maar over het leven…
bij zonsondergang werden
de ramen zo roze als bloemen
totdat de zon de hemel verliet
om middernacht waren ze
zo zwart als inkt toen de dichter
zijn vragen losliet
de vergeefse verplaatsing
van letters van tafel naar inktbak
een gedicht dat niet werd gebouwd
hoe schep je taal als
zoveel verschillende woorden
hetzelfde betekenen?…