Roerloos
Ligt
De tijgerin
Haar hart
Doorboord
Met kogels
Welpjes
Zoekend naar
Het eens
Zo warme thuis
Moedermelk
Met de smaak
Van bloed
Levenslessen
In wreedheid
Achterblijven
Hulpeloos
Schreeuwend
Niet begrijpend
Maar dan
Liefdevolle handen
Strekken
Zich uit
En het kwetsbare
En weerloze
Vindt bescherming
Nieuwe warmte…
U kent ze wel, Roodkapje en haar grootje
En ook de jager die dat stel bevrijdt
Die onbevreesd de wolf daar opensnijdt
Het beest in kwestie legt daarna het loodje
Die jager zit nu vast en wordt verhoord
Want wolven zijn een streng beschermde soort…