inloggen

Alle inzendingen van Albert Verwey

130 resultaten.
Sorteren op:

Engelenzang

poëzie
3,5 met 8 stemmen 2.625
Van verre komt het als een schoon gerucht Daar is een kind geboren in Bethlems stal - Zijn naam is Zaligmaker, want Hij zal De wereld redden, die in weedom zucht. De wereld kent Hem niet, maar in de lucht Zijn tekenen en wonderen door 't heelal, Uit de open hemelen klinkt een schoon geschal En engelenscharen zingen in de vlucht. Vrede,…

Delfse Vermeer, ziende naar Delft zoals hij het zal schilderen

poëzie
4,0 met 4 stemmen 1.703
"Een stad aan de overkant, met torens, poorten, daken, Walschoeiingen en aken, Wolkschaduw, zonnebrand. Wij zien van de overzij Het voegschrift in haar muren, Haar koele kleurglazuren, Haar verte en haar nabij. Hoe overtreft haar glans Haar spiegelschijn in 't water! - Straalt zo de Godsstad later Tot schijn mijn stad van thans?"…

Ik heb mijn hart ú tot een huis gewijd

poëzie
3,8 met 5 stemmen 1.543
Ik heb mijn hart ú tot een huis gewijd, En midden in het binnenst heiligdom, Waar de outerkaars in 't donker gloeit, verbeid Ik u, mijn lief, mijn zoet sieraad alom! Ik sloeg mijn ziel dit zoete donker om, Alleen om ú te ontmoeten, die me altijd Belooft te komen, in 't geheim, na stom Eerbiedig beiden ene kleine tijd. O kom, mijn lief,…

Morgen

poëzie
3,0 met 2 stemmen 1.048
O Dromen die de dag begint, De dag bezint, De dag bemint, Hoe zal ik ooit u loven. De landen liggen morgen-klaar, Mijn oog ziet nog geen zorgen daar, Geen troost hoef ik te borgen waar Die wast in 's harten hoven. De bergen blauwen in de vert, De stromen blinken in de vlakt, De bloesemboom is wit-gesterd, Het dorp is rood- en blauw-gedakt…

De Koopman

poëzie
3,8 met 21 stemmen 4.999
De koopman zit op zijn kantoor en somt bij 't walmend licht der lamp de winst van 't jaar: Hij telt zijn posten preevlend bij elkaar En cijfert tot zijn rug zich dieper kromt, als de balans niet sluit. Hij peinst en gromt, Half-binnenmonds en met verstoord gebaar Telt hij opnieuw, ontstemd om 't zoeken naar Een cijfercent, die niet te voorschijn…

Pasen

poëzie
2,7 met 11 stemmen 2.509
Op Goede Vrijdag Is Hij begraven, Niet in een graf - zijn graf was het hellevuur-, Doch zondagmorgen Was Hij weer opgestaan, Ging door de velden, Glimlachend vredig Naar de hemel van blinkend blauw. De bloemen stonden, Trossen en kelken, Schommelend en wiegend, Pralend en teder, Terwijl Hij, kijkend, kwam; De duinrand waasde Leeuweriken…

Schuif op naar ‘t graf

poëzie
3,2 met 22 stemmen 1.639
Schuif op naar ‘t graf: uw huis moet leeg. Een nieuw bewoner staat ervoor. Hij is nu jong en gij zijt veeg. Zijn voet volgt in uw spoor. Benijd hem niets: de tijd is kort. Een ander volgde alweer zijn stem. Ge ligt nog nauwlijks of hij stort U na en wacht op hèm.…

KONING ADELBOUD.

poëzie
2,6 met 7 stemmen 867
Daar zat de koning Adelboud Op een armstoel van het duurste goud. De koning had zo'n dikke kop, En een wichtige gouden kroon d'r op. Zijn mantel was van hermelijn, Zoals alle koningsmantels zijn, En naast zijn armstoel stonden twee Pages, die keken weltevree, En elk hield in zijn rechterhand Een wijnglas, vol tot aan de rand. Toen…

ANNA PAVLOVA

poëzie
3,6 met 8 stemmen 1.515
‘n Enkele lijn is genoeg en ik zag u van teen tot schedel : ’t Verende gaan, de heup, het teruggeworpen lijf. Vurig en edel waart ge, glimlachende! – en vurig en edel Zij ’t galopperende vers, dat ik, u huldigend, schrijf.…

Het kindje lag gewikkeld

poëzie
2,5 met 4 stemmen 1.520
Het kindje lag gewikkeld in de doeken Op moeders schoot; het was een armlijk kot: De koe en ezel stonden achter 't schot. 'Wat die drie koningen in 't huisje zoeken?' Jozef was graag gevlucht in donkre hoeken. Hij hield zich stil terzij: hij zat voor zot. Maar noch gevolg noch vorsten toonden spot: Geschenken biedend knielden zij, die kloeken…

Bedenk hoe schoon wanneer wij zijn gestorven

poëzie
3,9 met 8 stemmen 2.435
Bedenk hoe schoon wanneer wij zijn gestorven De aarde zal zijn die dan naar ons niet vraagt. Gij weet dat ze altijd eendere vreugden draagt Als waar wijzelf ons aandeel van verworven. Wij hebben vaak haar blijde gaaf bedorven Door zorg die om de dag van morgen klaagt. Door eigen ondank langer niet geplaagd Zien wij door anderen haar geluk bëorven…

Aarde

poëzie
3,3 met 6 stemmen 1.611
Als 'k u zo lief niet had, mijn aarde, zou ik Zo niet begere' u in een droom te vieren, Maar al uw steden en al uw rivieren, En bos en berg graag in één beeld beschouw ik. Als kind al zocht ik u, mijn aarde, en wou ik U kennen heel, uw hemel met zijn vieren, Uw oceanen waar uw winden gieren, Uw blank-zeilende wolk, zwerk zwart en rouwig; Uw…

BADERS HARTEWENS

poëzie
3,6 met 12 stemmen 3.142
Dwars door de tuinen Van roos en ranken Zich ’t pad te banen, Dan door de lanen Van zand en dennen Vluchtig te rennen Tot waar de kruinen Van hoge duinen In ’t blauwe blanken En zo te naderen Met zwellende aderen In laatste loop De harde golven En, overdolven, Hun koele doop.…

TOPZIEKE RUPS

poëzie
3,8 met 13 stemmen 1.716
Topzieke rups, in 't stijgen Van blad tot blad, van steel op stam, Denkt ge eindlijk te verkrijgen Het veld van blauw, de witte vlam? Te hoog! Ge kunt niet keren! Hangende aan hoogste top, Geeft ge, in een verdwaasd begeren, Nog eens u op.…

Een koud vermoeden rilt mij door het brein

poëzie
2,8 met 18 stemmen 1.664
Een koud vermoeden rilt mij door het brein: Ik zie mijzelf en weet thans wie ik ben: Ik ben Erinring van veel boeken en Een Macht, waarmee 'k mijzelf en al mijn zijn, Gedachte en daad, gelijk maak aan de schijn, Die 'k daarin schoonst vond: - onbewust gewen Ik me aan dat artiest zijn; - soms zelfs ken 'k Mijn schijn, die groot is, niet van…

De dood van een jaar

poëzie
4,2 met 8 stemmen 1.769
Jaar, wat zijt ge een vreemd oud-jaar: Heet dát gaan sterven? Met bruine kransen in uw haar, Als een jong man, voor een feestmaal klaar, Zorg'loos, zie ik u zwerven... O vreemd oud -jaar! Hoé gaat gij dood, oud-jaar? Zult gij gaan zitten op een hoop Blaren, wel bruin, maar warm van zon, Midden in het licht en in een doop Van stralen…

Het verlaten huis

poëzie
4,0 met 1 stemmen 345
Als in een huis in de onderwereld, waar De stille vader en het stomme kind Elkander aanzien - zó zit ik gebukt Over mijn boeken in dit donk're huis. En tegenover me aan de tafel zit Dat stomme kind der sombere gedachte, Mijn stille weemoed met het bleek gelaat, Mijn stomme weemoed met het donker oog, Die niemand ziet dan ik, - maar áls…

EEN LIEDJE VOOR HANSJE

poëzie
4,0 met 1 stemmen 218
Hij is in 't midden van de mei Geboren en een dichter zei: Dit is een kind dat zingen zal, Dat de mensen 't horen óveral; 0, wat een zeldzaam mei-geval: Hij is in 't midden van de mei Geboren. Hij mag een lelijk mosje zijn Wie horen wil naar liedjes fijn, Die zoekt de mooiste vogel niet: Van de lelijkste vogel is 't mooiste lied…

Zomerweide.

poëzie
4,0 met 2 stemmen 223
De blanke koeien waden 't weigras door, Uit hoge hemel daar een wolkbank ligt Straalt trillende op koe-ruggen zomerlicht, 't Gras ripplend krijgt een esmerauden gloor. Warm vlakt de vaart daar 't groene riet langs spicht, Golf deint en spoelt, trekt zijn geglinsterd spoor Stoomboot in stroom en stuurt de schomling door Die 't riet doet…

Sinds ik u álles gaf, ál wat ik ben

poëzie
3,8 met 5 stemmen 498
Sinds ik u álles gaf, ál wat ik ben, En thans in ú mijzelve heerlijkst vind, Wat klage ik dan, daar gij een andre mint, Daar ik me, als de uwe, eraan meêplichtig ken? En daar ik ú ben, ben ’k dan niet verblind, Zo ’k op u toorn en dus mijzelve schen? En me aan úw liefde zoveel minder wen Dan aan mijn eigne, die ons zó verbindt? Moet…

De Maat

poëzie
4,5 met 2 stemmen 361
Er is geen maat die ik in u niet vind. Gij zijt de berg en gij zijt ook het grein, Gij zijt de aardwoning en het hemelplein, Gij zijt de vader en gij zijt het kind. Ik heb mijn ogen die u zien, maar blind Zie ik u ook: in mij het bloedgedein Is zozeer u als de eindeloze trein Van vormen, die nooit eindt en nooit begint. En 't vormenloze…

Men kàn geen vlammen als een gouden vloed

poëzie
5,0 met 1 stemmen 373
Men kàn geen vlammen als een gouden vloed Uit éen vaas gieten in een andre vaas: Daarbinnen branden ze en een bevend waas Gloeit door het hulsel heen met halve gloed. Open het nooit – het is zo schoon, en ’t moet Zó schoon zijn, blijvend in die zelfde plaats: Die vlam zal niemand zien: zij zal, helaas! Zichzelf verteren, daar haar niemand…

Aan F. van Eeden

poëzie
4,3 met 3 stemmen 304
Ik ben gestemd om een sonnet te maken, Teer-blauw als mij Japanse verzen lijken, Zo vlak als water, dat geen rimpels strijken Tot vloeiend matglas, waar zij de' oever raken. Fijn porselein met verwende smaken, Bleek-blauwe poppen die zo wijd uitwijken, En zonder perspectief - de rijken kijken Bij 't kopen, of de kleine barstjes kraken.…

ZANG.

poëzie
4,7 met 3 stemmen 326
Mijn ziele is in mijn zangen, Mijn zang is mijne ziel: Mijn lied is 't zoet verlangen, Dat in mijn harte viel. Dat groeit daar stil verholen, En groeit straks wonderhoog, En rankt in duizend bloemen Der wereld uit het oog.…

De schone wereld

poëzie
3,5 met 4 stemmen 486
Iedre morgen na het nachtlijk slapen Ligt mijn wereld nieuw door mij geschapen. Iedere dag heb ik haar weggegeven, Telkens één dag meer van 't eigen leven. Telkens een kortstondiger bewoner Zie ik haar belanglozer, dus schoner. Schoonst zal ze eenmaal zijn als ik ga scheiden En de grenslijn wegvalt van ons beiden.…

BLAUW EN ROOD

poëzie
3,5 met 4 stemmen 357
Al liepen alle vrouwen nou Op straat in blauwe japonnen, Al liepen hun mannen ertussendoor In rode pantalonnen: Ik zag ze niet door 't luchteblauw, Dat hemelse blauwe wonder; Ik zag ze niet door 't pannenrood, Waar 't stadsvolk wonet onder. Met luchteblauw en pannenrood, Was de wereld schoon beschilderd; Maar door onze zonden zijn hier…

Was 'k nu bedroefd

poëzie
4,0 met 2 stemmen 450
Was 'k nu bedroefd, 'k zou met de droefsten schreien: Zó droef als ik kan toch geen droef mens klagen: Maar tóch zou 'k zeggen: klaag om 's Levens slagen Niet wild, niet zó of 't u niet mócht kastijen. Krom krimpe ik van verdriet; — 'k tere uit van lijen; — Mijn arm hoofd snapp' niet waarom zulke plagen; — Maar wee, weé mij! als ooit…

Gelijk een vader zijn onwillig kind

poëzie
4,0 met 1 stemmen 340
Gelijk een vader zijn onwillig kind Bestraft met schijnb're toorn, maar smart in 't hart, En, schoon kastijdend, zelf wel voelt hoe hard De straf moet zijn voor 't kind dat hij bemint, - En onder 't straffen in zichzelve zint En hoopt óf het berouwvol wordt, - en mart, O zo verlangend, na die dubb'le smart Héél lief te wezen voor zijn…

De Wever

poëzie
4,2 met 4 stemmen 355
Zij kloppen aan de deur: zij klagen Dat ik niet luister. Ik berg voor allen die mij plagen Mijn kalme luister. Ik ben veel zachter en veel stiller Dan ooit geloven De durver, weter en bediller, Drukken en groven. Mijn huis een hoge en lichte kamer, Mijn dag een morgen, Ben ik een hemelse beramer Van aardse zorgen. Mijn…

De deizende sterren

poëzie
4,0 met 4 stemmen 418
De deizende sterren, zij tink'len Hun vesper mij na, waar ik rijs, Tot die tonen mijn voeten besprink'len Op de trappen van 't zonnepaleis.…
Meer laden...