Ik fiets hard, zo hard ik kan. De wind streelt mijn huid. Gelukkig, nog iets dat me kan strelen en beminnen. Nog iets wat ik toe kan laten mij te beminnen en vooral te strelen. Ik kan het niet meer. Waarom gaat het zo slecht met me? Wat heb ik gedaan dat ik zo gestraft moet worden? Het lijkt wel of ik geen gevoel meer heb, alsof ik niemand die me wil…
Ik voel me klote, echt klote. In de klas kan ik mijn gedachten er niet bijhouden. De leraar wordt boos. Kan ik er wat aan doen? Ik geef een grote bek.
“Ga d’r maar uit!” Ja dag! Dikke shit ermee. Ik ga me mooi naar de receptie om me te melden. Krijg toch de klere! Ik ga wel even naar het park. Even tot rust komen op een bankje. God wat ben ik boos…
Soms zou ik willen dat ik een vogel was, dat ik zo weer weg kon vliegen wanneer er een tijd komt met problemen. Dat je er niet eens bij nadenkt of je een ander verdriet doet. Ik haat mezelf als ik mensen pijn doe zonder dat het echt mijn bedoeling is. Je hebt altijd een stemmetje in je hoofd dat zegt wat je wel en niet kunt zegen. Soms komt dat stemmetje…