De herfst valt in,
Mistnevels ontsieren het land
En regen bedroeft mij.
Ik kijk uit het raam
En zie tomeloze somberheid.
De kilheid bevangt me tot het bot.
Ik loop buiten en lopenderwijs
Dwalen mijn gedachten af naar zomerse streken
Waar de druiven rijpen
En honing vloeit.
Ik keer terug in de realiteit
En de sleur grijpt me bij de keel…
1. De uitnodiging
'Super!' Dietrich Schnittger sloeg met de vuist op zijn wankele salontafel. De opgedroogde lepeltjes rammelden protesterend in de koffiemokken, een openliggend pakje shag rolde schrikachtig op de grond.
Dietrich maakte een sprong door zijn krappe studentenkamer en rende naar het raam. Van tien hoog schreeuwde hij door de Welchnerstrasse…