Het warme weer is voorbij.
We hebben de warmte gevoeld,
de zwoelte gezoend.
De zweetdruppels deden zich te goed,
aan ons rooddoorlopen gezicht.
Plakkend en wriemelend,
drinkend en slapend.
De dagen waren te lang,
we smolten erin weg.
De stralen van de zon,
priemden zich in onze huid.
Onze cellen verzetten zich ertegen,
door nog meer…
Warmte moeten zij verlaten.
Fel licht krijgen ze
in hun gezichtje.
Hoewel zij het nog niet
beseffen, is de geborgenheid
voorgoed verbroken.
Ze waren zo graag
in bescherming gebleven.
Maar het was genoeg geweest.
Ze moesten beginnen leven
en baanden zich een weg
naar het onbekende.
Naar het einde van de tunnel.
Het kwam hard aan,…
Wringend en onheilspellend,
donkere wolken van
een opkomende bui,
of pletsende regen.
Daarna een kleurenspel
zovele kleuren door elkaar.
Een wonder om te zien,
een boog van mijmerende pastellen.
Ze smelten samen,
van licht naar donker.
Zij spannen zich uit,
ze rekken zich,
van de ene kant
naar de andere.
Het duurt niet lang,
de…
Prangende vragen, waar geen antwoord op komt.
Duisternis zonder dat de zon opkomt.
Moordende woorden, die kwetsen als pijlen.
Lettergrepen die gesproken worden maar in
sneltempo weer vergeten zijn
Getemperde liefde, waar haat in schuilt.
Hartverscheurende taferelen, zonder enig
greintje medelijden.
Ontembaar water dat in de diepte verdwijnt…