Lieftallige zuster van schuim
en van as
Ik zeg met een golf en een snik
in mijn hart
Wij zijn niet van 't zelfde laken een pak
In mijn bloknotehut ben ik
en luister
De vele geluiden die ik hier hoor
dringen niet tot mij door,
kunnen mij ook niet deren
Gedachten die ik denk en vanzelf arriveren
Verwijlen een wijle, keren weer…
om in zijn huis
te logeren als hij er niet was
Ik dacht, dan ga ik nog meer
van hem houden
En ja hoor,
door zijn boeken,
zijn foto s aan de muur
zijn planten
zijn muziekinstrumenten
de orde
al het fruit
dat ik op moest maken
En dan het krijsen van de meeuwen
Tenslotte het ‘slaap lekker’
dat ik ‘s morgens vond
op het bloknoot…