Mistige wegen
vertroebeld in zicht
Met volle snelheid
door het rode licht
Een pintje teveel op
of wel twee misschien
Daarnet in galop
drie roze olifanten gezien
Mistige wegen
waar leiden ze heen
Een grote dikke eik
kon er niet om heen
Mistige wegen
eindigen altijd
Mistige wegen
doden de tijd…
Zo zalig is aanvankelijk de reis
Ik ben met een ballon de grond ontstegen
(Door volle glazen vliegensvlug te legen)
En even ruik ik aan het paradijs
Met doodsverachting klim ik op de rand
Het zicht is door een witte wolk verdreven
Dan galmt m’n strijdkreet: dichters kunnen zweven!
Bevlogen neem ik afscheid van de mand
De hoogste tijd nu…
Ik voel wat ik voel...
Zo moeilijk te zeggen..
Je snapt niet wat ik bedoel...
...Zo moeilijk uit te leggen...
Ik kijk je strak aan,
...Moeilijk genoeg...
"Schat, ik moet hier vandaan"...
"Ik ga wel moeilijk doen,...in de kroeg..."…
In mijn hoofd vol gedachten
Waar verzetten niet meer helpt
Zit ik stilletjes te wachten
Tot de dood me overstelpt
In de wirwar van gevoelens
Als spaghetti door elkaar
Als een mens, loos van doel
In het geheel er niet mee klaar
In het schreeuwen van mijn pijn
In het vallen van de nacht
Zal ik wanhopig denkeling zijn
Die een zeker zuipen…
Meer dan één goede leugen
heb ik als belofte niet nodig
Verder zoeken lijkt zo zinloos
verder vragen overbodig
Vragen die als aanval onstuitbaar
gestaakt zoeken gaan verwijten
Die met zelfbedrog openbaar
of ongesteld zullen spijten
Want de leugen is slechts een smoes
en de vraag allang stelling gebleken
Maar ik leef nog liever deze roes…
Nog trekken de zware wolken
in ons bestaan haar sporen
en woorden die als dolken
mijn diepst wisten te doorboren,
joegen mij steeds op de vlucht,
de thuiskomst werd steeds later
en in de spetterende avondlucht
gevangen in mijn eigen theater,
werd mijn pad van tranen zwaar.
Ik volgde de dood en toch
dronk ik door zonder bezwaar.
Ik hoorde…