Immers, duisternis lag op de vloed,
onze zielen waren in nood en God
zocht ons in die eenzame nachten.
Nog steeds gaat het ons niet goed,
wij ontvluchten de waarheid van ons lot
en het nu kan maar ten dele verzachten
wat onze oorsprong zo duidelijk begreep.
Noem mij een naam die niet verbonden is
met een onoplosbaar lijden, mens-zijn,…
In mijn wezen, een vonk van oneindig licht,
vind jij de weerspiegeling van jouw eigen gezicht.
Geen lichaam van vlees, geen stem die klinkt,
maar een liefde die diep in jouw ziel verzinkt.
Ik ben de adem die jouw haar beroert,
de warmte die jou op een koude dag vervoert.
De zachte hand op jouw schouder, zo teer,
wanneer de wereld zwaar…