Ik vermeed jagerspaden
liever bewoog ik
in die herfstleegte
onopvallend in mijn schijnwereld
Waarschijnlijk kende je me niet
Het waden door jouw levenswateren
bestond uit moeizame hoop
droeg de kenmerken van vals licht
mijn ontkennen werd een religie
Of een overlevingsdans
Weet dat jouw adem zonlicht was
ontsnapt uit jouw heerlijke…
met de nevel kwam de twijfel
die werd langzaam verdreven
door verlangen naar de natuur
en het samenzijn
zo stil was het die ochtend
dat de twee jonge mensen
nauwelijks spraken tijdens het
verlaten van de stad
daar in een wagenspoor
liep hij links en zij rechts
lachend door de bladeren
maar op het jagerspad
dicht onder het lover
vonden…
Smeedvuur vlamt hitte
roestige spijkers, wachten
naast de hoefijzers.
Geruite kiel, nooit meer
de slijpsteen horen
noch het gedreven wiel.
In het jagerspoor
door de achterbenen
geplet, verse kluiten.
Hinnikend paardje
van ver goed te horen
gelopen tijden.…