39 resultaten.
Toen Knaap mij de laatste maal knipte
poëzie
4.6 met 16 stemmen
7.176 Toen KNAAP mij de laatste maal knipte,
Was hij aangedaan onder zijn werk.
'Wat wordt u al grijs!' sprak hij somber,
'Ik vrees, u studeert te sterk.'
En JONGMANS, toen hij mij gistren
De maat voor een pantalon nam,
Keek van mijn magerheid zó op,
Dat ik dacht, dat hem iets overkwam.
Vater MULLER ontzei me zijn tafel.
Ze verliep anders…
Janus had twee aangezichten
poëzie
3.5 met 16 stemmen
5.496 Janus, - niet "neef", maar de god, - had twee aangezichten
Er is altoos baas bóven baas, en thans vindt ge van die nachtlichten,
Om beurten zien ze U aan met de kijkers van hond,
En gluren ze naar U, of een kat voor U stond;
En dàn weer is het, of een uil met zijn blikken U verslond.
Voor mensen, die 's nachts uit een akelige droom ontwaken,…
O, spreek mij niet van liefde
poëzie
2.8 met 51 stemmen
8.779 O, spreek mij niet van liefde,
Van vriendschap en van trouw;
Die zijn al sinds lang overleden,
'k Ben lang er al van in de rouw.
Neen, spreek mij van 's mensen ellende,
Van al zijn kommer en nood,
En hoe hij zijn broeders leven
Verbittert, - dan lach ik mij dood!
---------------------------------------------------------------
uit: Immortellen…
Aan Betsy
poëzie
4.4 met 17 stemmen
11.495 Het heugt mij als de dag van gistren. Op het mos
In hartverovrend achteloze houding lag
Uw rijzige figuur, wijl de anderen het bos
Langzaam doordwaalden. 't Was een vreeslijk hete dag.
Gij hield mijn veldfles aan uw rozenlipjes, droog
Van 't lachen. Diep-gemoedlijk, als wen de avondklok
Door 't dal luidt, klonk het in uw keel. En zacht bewoog…
Als heel de wereld biefstuk was
poëzie
3.3 met 33 stemmen
8.821 Als heel de wereld biefstuk was
En louter stroop de zee
En enkel Engels schoenensmeer
Vulde elke beek en ieder meer
Waar lest ge uw dorst dan mee?
Dit is genoeg voor een oud man om zich het hoofd
te krabben tot hij zich zeer dee.
Als heel de wereld biefstuk was
En ieder boom een worst
En elke beek en ieder meer
Was boordevol van schoenensmeer…
Zoals ik eenmaal beminde (immortelle C)
poëzie
3.9 met 22 stemmen
7.242 Zoals ik eenmaal beminde,
Zo minde er op aarde nooit een.
Maar ‘k vond, tot wie ik mij wendde,
Slechts harten van ijs en steen.
Toen stierf mijn geloof van vriendschap,
Mijn hoop en mijn liefde verdween.
En, zoals mijn hart toen haatte,
Zo haatte er op aarde nooit een.
En sombere, bittere liedren
Zijn aan mijn lippen ontgleên.
Zo somber…
Hem die mij grof beledigt
poëzie
4.0 met 13 stemmen
6.358 Hem die mij grof beledigt,
Mij overlaadt met schand
En openlijk mij belastert,
Hem reik ik de broederhand.
Maar die mij voorkomend bejegent,
Die mij aan zich verplicht
En zich mijn vriend durft te noemen,
Die spuw ik in 't gezicht.
---------------------------------
Immortelle LXXXIII (1878)…
Aan Jacoba
poëzie
3.9 met 10 stemmen
5.816 In uw grote bruine blikken
Schuilt een wondre tovermacht.
Nu eens troosten zij mij zacht;
Dan weer doen ze mij verschrikken.
Praat ik rustig met u over
Iets van algemeen gewicht,
Vriendlijk straalt dan uw gezicht,
Als de maan door lentelover.
Maar nauw waag ik het te klikken
Van mijn hard poëtenlot,
Of meedogenloze spot
Vuurspuwt uit…
DE FRIESCHE POËET I
poëzie
2.8 met 20 stemmen
3.863 I
De Harlinger stoomboot schommelt
Over de Zuiderzee
Van Stavoren naar Enkhuizen.
Een dichter schommelt mee.
Kwijnend rust op de verschansing
De zangrige elleboog.
Glazig staart naar Friesland
Het bleekblauw poëtenoog.
Soms is 't of een klaaglied
De schampre lippen ontstijgt.
De hofmeester denkt, dat mijnheer dan
Een aanval van…
DE ZELFMOORDENAAR
poëzie
4.2 met 96 stemmen
19.360 In het diepst van het woud
- 't Was al herfst en erg koud -
Liep een heer in zijn eentje te dwalen.
Och, zijn oog zag zo dof!
En zijn goed zat zo slof!
En hij tandknerste, als was hij aan 't malen.
"Ha!" dus riep hij verwoed,
"'k Heb een adder gebroed,
Neen, erger, een draak aan mijn borst hier!"
En hij sloeg op zijn jas,
En hij trapte…
Aan Hedwig
poëzie
3.1 met 30 stemmen
7.424 Wat nu een kerkhof in mij is, was, lang geleên,
Een vrolijk marktplein, waar een dartle zwerm dooreen
Krioelde van de dolste dromen, somtijds wel
Wat al te dol, en toch vermaaklijk en hun spel.
Het was me een leventje daarbinnen! Zien verging
Een mens en horen. Doch op eenmaal, daar verging
Een aaklig steunen 't blij rumoer, en dan - een gil…
Op 't hoekje van de Hooigracht
poëzie
4.2 met 20 stemmen
6.293 Op 't hoekje van de Hooigracht
En van de Nieuwe Rijn,
Daar zwoer hij, dat hij zijn leven lang
Mijn boezemvriend zou zijn.
En halverwege tussen
De Vink en de Haagsche Schouw,
Daar brak hij, zes weken later zowat,
De eed van vriendentrouw.…
Waarom ik de lome nachten
poëzie
3.6 met 23 stemmen
5.831 Waarom ik de lome nachten
Met wrange tranen bedauw? -
Ik weet niet wat ik liever deed,
Dan dat ik het zeggen zou.
En wou ik het ook al zeggen,
Weet ik, of ik het wel kon?
Voor alles is er een oorzaak, -
Maar hebben mijn tranen een bron?…
De bleke jongeling
poëzie
3.9 met 14 stemmen
8.305 't Avondt. Aan de westertrans
Zinkt, in goud gehuld en glans,
Statig 't zonnelicht ter neer
In de schoot van 't wieglend meer,
Dat, als bloosde 't van verlangen,
Om het in zijn bed te ontvangen,
Inkarnaat* voelt gloeien op zijn wangen.
't Avondt. Door het heidekruid
Suist als aeoolsharpgeluid*
't Windeke en kust zo zacht
Al de bloempjes…
LIEFDEWRAAK
poëzie
3.7 met 19 stemmen
8.551 'Ha! weet ge 't niet, wat kanker woedt
In 't lang miskende hart,
Als liefde 't vuur der wraak ontsteekt,
En misdaad groeit uit smart?'
Zo zong weleer de droeve luit
Van wijlen Van der Vliet.
- Wie, die wat doet aan belletrie,
Kent zijn gedichten niet? -
En, o, zijn luit had wel gelijk,
Er is geen twijfel aan:
Als 's jonglings liefde…
Frits en Kee
poëzie
4.0 met 40 stemmen
6.467 Moderne ballade
Zij heette Kee. Hij schreef zich Frits.
Zij zag wat scheel. Hij liep mank.
Een englenpaar. Maar zij erg bits,
En hij verschriklijk aan de drank.
Zo woonden ze in een lekke schuit,
Als twee marmotjes in hun hol.
Geregeld schold zij hem de huid
En dronk hij zich met bitter vol.
De tijd vliegt snel, vooral wanneer
De liefde…
Wij zaten met ons vieren
poëzie
3.8 met 24 stemmen
7.082 Wij zaten met ons vieren
In de tuin van de sociëteit.
'Kijk, jongens!' riep Sand, 'wat passeert daar
Een eeuwig knappe meid.'
'Ja,' zei Kaai, 'dat's een pracht van een meisje!
Zo zijn er geen twaalf in 't land.'
'Ik hoor,' zuchtte Haas*, 'ze is in stilte
Geëngageerd met een luitenant.'
'Wat mankeert je, Paal*?' riep Sand…
Zijn goudblonde lokken en knevel
poëzie
2.8 met 18 stemmen
5.687 Zijn goudblonde lokken en knevel,
Zijn geestvolle neus en mond,
Zijn vergeetmijnietblik, zijn tenorstem
En zijn New-Foundlandse hond,
Ik moet er gedurig aan denken;
Zelfs adem ik soms nog flauw
De geur in van zijn sigaren.
Hij kocht ze gewoonlijk bij BLAAUW.
Ruik ik opnieuw die sigaren,
Dan word ik eensklaps zo raar.
Is 't, omdat hij…
Immortelle I
poëzie
3.8 met 17 stemmen
8.192 De maan glijdt langs de ruiten
En blikt mij vragend aan.
'Wat moet dat, bleke zanger, -
In uw ooghoek glinstert een traan?'
Zo gij de maan zelf niet waart,
'k Zou zeggen: loop naar de maan. -
Wat mij het oog doet glinstren,
Dat gaat geen schepsel aan.…
De maan glijdt langs de ruiten
poëzie
3.6 met 47 stemmen
6.189 De maan glijdt langs de ruiten
En blikt mij vragend aan.
'Wat moet dat, bleke zanger, -
In uw ooghoek glinstert een traan?'
Zo gij de maan zelf niet waart
'k Zou zeggen: loop naar de maan. -
Wat mij het oog doet glinsteren,
Dat gaat er geen schepsel aan.…