Ik bijt mijn nagels tot op het bot,
tot het vlees zwelt
en de bloedlijn zich toont.
Niet uit angst, niet uit drift,
maar uit een onstilbaar verlangen
dat niets kan stillen.
Elke beet een echo van verloren tijd,
elke splinter een herinnering
aan woorden die nooit klonken,
aan liefde die ik altijd miste.
Mijn vingers bloeden,
maar de pijn…
Sommige mensen voelen licht,
alsof hun hart een raam is
dat rustig openstaat.
Ik voel altijd te intens,
alsof elke aanraking van jou
al een afscheid voorspelt.
Jij noemt het nabijheid,
ik hoor alleen het kraken
van een brug die ooit zal breken.
Hechting vraagt een tol
die ik al duizend keer betaalde:
nachtrust, waardigheid,
delen van…