hangend aan de tonen
danst mijn lichaam
als nooit tevoren
zwepen violen mij op
ondersteund door de
ranke piano klanken
nemen ze mij mee
naar verre oorden waar
zij geen benul hebben
van tijd…
tilt me op
daagt me uit
gooit omhoog
vangt me
draait me rond
zet me neer
keer op keer
opnieuw
hoger en verder
bedanst ze mij
met druppels
die zoeter smaken
dan het
verlangen naar
een zonnige vrede…
Ademloos
luister ik naar
zijn betoverende klanken
als hij met dansende vingers
de witte en zwarte
toetsen bespeelt
m'n hart zacht streelt
vertelt hij het leven
in hemelse tonen
met z'n virtuoze spel
zo subtiel en
word ik meegenomen
naar het diepste
van m'n ziel
Ode aan Ludovico Einaudi die in Carre een soloconcert
gaf op 7 december…
Ik luister naar de wind
in het begin van de lente
zodra zij één wordt met de rozen
hoor ik de wind van overzee
op een maandag gaat zij vliegen
dat zei zij mij, maar zij ging niet
ze keerde naar de bron terug
waar zij verkwijnde en verdween…