voeg je poëzie toe

Poëzie over literatuur

160 resultaten.

Sorteren op:

WACHT WAT

poëzie
2.0 met 32 stemmen aantal keer bekeken 3.327
Is mij een vodderij gevallen uit de pen, (Weet, lezer, dat ik al mijn vodden daar voor ken) Ik sluit ze van mij af en laat ze liggen rotten: Lang, lang na haar geboort onthaal ik ze de motten, En val der met de keur van een vers oog op aan. Gevalt mij 't kind dan nog zo 't eertijds heeft gedaan, zo houd ik 't voor zo schoon als ik er een…

DIE AVOND EN DIE ROZE

poëzie
4.2 met 43 stemmen aantal keer bekeken 7.986
‘k Heb menig uur bij u gesleten en genoten, en nooit en heeft een uur met u me een enkle stond verdroten. ‘k Heb menig menig blom voor u gelezen en geschonken, en, lijk een bie, met u, met u, er honing uit gedronken; maar nooit een uur zo lief met u, zo lang zij duren koste, maar nooit een uur zo droef om u, wanneer ik scheiden moste, als…

Aan J.J.L. ten Kate

poëzie
3.9 met 13 stemmen aantal keer bekeken 3.342
Ten Kate! Ten Kate! O koning der cantate! Die hupp'lend in het priesterkleed, Den lusthof onzer taal betreedt, De schoonste bloemen plukkend, menglend, Met bonten zwier ze strikkend, strenglend, Verenglend 's levens duistre sfeer, Ons minzaam dichtend naar de Heer! O, J.J.L. ten Kate, Wie zou u kunnen haten? Ten Kate! Ten Kate…

Aan de sonnetten II (1879)

poëzie
4.0 met 23 stemmen aantal keer bekeken 2.744
Sonnetten! nu der mensen oog zal staren Op u, en elk zal vonnis wijzen mogen, Die denkt, nu bigglen tranen uit mijn oogen, Die, in de toekomst, lof en schimp ontwaren. Daar zijn er, die als schoonheid niet gedogen, Wat zich als groots hun niet wil openbaren, - En wijken zie ik reeds, in brede scharen, Wie 't schone in 't kleine alleen houdt…
Jacques Perk24 november 2001Lees meer >

DE FRIESCHE POËET VI

poëzie
3.1 met 15 stemmen aantal keer bekeken 3.035
VI "Vergeef mij," huivert de dichter, "'t Is onbescheiden misschien, Maar mag ik ook vragen, wat dame de eer heb vóór mij te zien?" - En de schoone glimlacht: "Wel zeker! - maar eet ondertusschen voort, - Ik ben dat weeuwtje van Staavren, Daar ge mooglijk wel van hebt gehoord; Die een lading Dantziger tarwe Aan stuurboord in…

DE FRIESCHE POËET V

poëzie
2.8 met 20 stemmen aantal keer bekeken 2.539
V De dichter begrijpt er niets van; Maar eindelijk waagt hij het toch De vreemde schoone te vragen: "Waar ben ik?" en "leef ik nog?" En als kristal klinkt haar antwoord: "Mijn lieve landgenoot, Gij zit hier in Oud-Staavren, En ge zijt volstrekt niet dood. Gelukkig voor u bewoon ik Hier een waterdicht lokaal, Waar ik versche lucht…

DE FRIESCHE POËET IV

poëzie
2.4 met 12 stemmen aantal keer bekeken 2.415
IV Hoelang de gezonken poëet wel Bewustloos gelegen heeft, Dat zou ik niet kunnen zeggen. Genoeg, — de man herleeft. Hij heft de gevoelvolle blikken, Maar twijfelt schier aan hun trouw; Vlak toch tegenover zich ziet hij Een wonderschone vrouw. Haar gitzwarte lokken golven Langs een voorhoofd van elpenbeen Over leliewitte schouders…

DE FRIESCHE POËET III

poëzie
4.0 met 11 stemmen aantal keer bekeken 2.564
III De dichter is verdwenen In de diepte van 't dansende meer. Hij zinkt als een steen. En Eindlijk Komt hij in Oud-Stavoren neer. Want, ja, wat die goede Schokkers In hun eenvoud steeds hebben beweerd, Dat is waar: de verdronken koopstad Bestaat nog ongedeerd. Haar muren zijn nog stevig; Haar torens zijn nog hoog; Slechts is er…

De Friesche poëet II

poëzie
3.4 met 8 stemmen aantal keer bekeken 2.565
II In overoude tijden, Toen men nog geen stoomboten had, Lag er halfweg tusschen Enkhuizen En Staavren een bloeiende stad. Haar koene schippers brachten Haar schatten van heinde en veer, En onder haar kooplui telde Zij meer dan één millionair. Maar — wat ziet men gebeuren - 't Geld maakte haar kooplieden grootsch. Toen streken de elementen…

Aan de sonnetten (I)

poëzie
3.7 met 15 stemmen aantal keer bekeken 2.847
Klinkt helder op, gebeeldhouwde sonnetten, Gij, kindren van de rustige gedachte! De ware vrijheid luistert naar de wetten: Hij stelt de wet, die úwe wetten achtte: Naar eigen hand de vrije taal te zetten, Is eedle kunst, geen grens, die haar ontkrachtte; Beperking moet vernuft en vinding wetten; Tot heersen is, wie zich beheerst, bij machte…
Meer laden...