In de roedel
hartenkreet
ooit liep zij langs de randen
van de wereld
een stille wolf
de vacht vol nacht
ogen die niemand lazen
de wind wist haar naam
de mensen niet
zij trok zich terug
in bossen van denken
in sneeuw van stilte
waar elke stap
een echo was
langzaam keerde zij om
niet luid
of met trompetten
met kleine stappen
door het woud, dauw
en ochtendlicht…

Bezig met laden