Spelletjes spelen.
Spelletjes spelen.
Samen.
We waren jong.
Zoveel plezier.
Verleden tijd.
Nu zie ik de Nintendo wel staan.
Doe er niks mee.
Denk er wel aan.
Het was toen allemaal nog oké.
De gloed van het scherm op ons gezicht.
Klikkende knopjes.
Soms een kleine lach.
Een boze klank.
Maar altijd vergeving
Het was toen nog allemaal goed.
Geen pesten.
Geen pijn.
Geen gevoelens meer om hier niet meer te zijn.
Het was een goede tijd.
Ik heb zo’n spijt dat ik dat niet heb gekoesterd.
Ervan heb genoten.
Nee.
Ik vond het vervelend worden.
Elke middag.
Keer op keer op keer op keer.
Spelletjes spelen.
Samen.
Elke middag op de bank.
Hoe leuk was dat.
Opgegroeid.
Geen tijd meer voor spelletjes samen.
Huiswerk.
Toetsen.
Andere vrienden.
Andere dingen om te doen.
Geen tijd meer.
Voor mij.
Het leven minder leuk.
Zonder die sprankeling.
Het is dof.
Saai.
Geen zin meer in.
Het koesteren.
Dat moest ik doen.
Die spelletjes.
“WAAROM DEED IK DAT TOCH NIET.”
Ik glij langs de muur.
Omlaag.
De grond.
De plek waar ik altijd ben.
Mijn wangen.
Nat.
Water vlekken op mijn trui.
Het zoute smaakje in mijn mond.
Waarom.
Waarom moest het altijd zo eindigen.
Ik op de grond
Ik mis het.
Spelletjes spelen.
Samen.
Samen spelen.
Met mijn grote broer.
Geen tijd.
Geen tijd meer voor zijn kleine zusje.
10 februari 2026
Geplaatst in de categorie: actualiteit

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!