Schijnwerpers
Zij werd midden
in de nacht door
schijnwerpers
verlicht,
alsof een lichaam
geen lichaam was
maar een plaats
delict waar anderen
zich over bogen
de opdracht was
al gegeven
bescherm haar
tegen zichzelf,
alsof het zelf
iets gevaalijks
was geworden
iets dat vastgebonden
moest voor de nacht
zou openrijten
de klap begon niet
bij de handen,
ze begon bij een deur
bij het bonzen
dat zich voorgoed
in haar zenuwen
nestelde
nog altijd kruipt
ze achter de bank
wanneer geluiden
onverwacht open
scheuren
niet uit angst
voor wat komt
maar voor wat
is geweest
schoenen droegen
hier geen menselijk
gevoel of sterker
menselijkheid
alleen macht
schijnwerpers,
handen, een lichaam
vervoerd op de
achterbank
als een voorwerp
dat men tijdelijk
veiligstelde
Daarna werd het een
hinderlaag..
houten planken
voor haar deur
onzichtbaar voor
de ander, maar in
haar hoofd
zorgvuldig gespijkerd
elke klop herhaalt
de nacht
elke echo sleept
haar terug naar
het felle licht
de handen om
polsen de
overtuiging
dat zijzelf het
gevaar was
sindsdien leeft
de gebeurtenis
niet in herinnering,
maar in het nu,
in het opschrijven
in het verstijven
in het luisteren
naar deuren,
alsof ze elk
moment opnieuw
kunnen openbreken
daaronder ergens
de uitputtende
vraag,
hoe bescherming
zo hard kon lijken
op overgeleverd
worden..
... PTSS... ...
Schrijver: anna rûnom21 mei 2026
Geplaatst in de categorie: welzijn

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!