In hetzelfde vel
Ik draag een huid die ouder is dan mijn herinneringen,
een omhulsel dat mijn naam al kende
voor ik zelf wist hoe ik moest ademen.
En elke ochtend, wanneer het licht langs de randen van mijn bestaan strijkt,
merk ik het opnieuw:
dat ik vastzit aan de lijnen die ik meegekregen heb,
aan de kamers waarin ik leerde kijken,
aan de stemmen die mij vormden voordat ik woorden had.
De wereld om me heen is een kring die ik niet zomaar doorbreek.
Ze sluit zich als een landschap dat mijn voeten uit het hoofd kent,
een horizon die altijd net buiten mijn bereik blijft,
alsof de lucht zelf fluistert:
hier ben jij begonnen, hier blijf jij geworteld.
Maar dan
in de schemering tussen waken en vallen,
waar de werkelijkheid dun wordt als rijp op een ruit,
glipt er iets open.
In dromen schuif ik mijn vel als een sluier opzij,
loop ik door muren die overdag onwrikbaar zijn,
spreek ik met schaduwen die ik overdag niet durf aan te kijken.
Daar, in dat zachte ongeremde,
ben ik even los van alles wat me vasthoudt.
Tot de ochtend me terugroept,
en ik opnieuw in mijn eigen contouren stap,
alsof ik nooit ben weggeweest.
En toch blijft er iets hangen,
een glinstering, een echo, een kier.
Een herinnering dat ik misschien niet kan ontsnappen
aan het vel waarin ik geboren ben,
maar dat ik er wél doorheen kan kijken
als ik durf te dromen.
18 april 2026
Geplaatst in de categorie: filosofie

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!