inloggen
dichtwoordenboek

tabblad: gedichten

< vorige | alles | volgende >

gedicht (nr. 2523):

Weet gij de reis nog door de regen,

Weet gij de reis nog door de regen,
de thuisreis nog, de regenreis?
hoe diep was ons de nacht genegen,
hoe dicht-nabij het paradijs.

Toen vielen wij als snelle vissen
bij waterval en draaikolk neer,
en gleden tot waar gele lissen
zich bogen tot een windstil meer.

En wij die als het water blonken
en geurden als het kruizemunt,
wij dreven, dreven droomverzonken
het meer af, naar het verste punt.

O stroom, die immer moet verzanden,
o meer, vermalen tot moeras,
o dwaze vis aan droge stranden,
o regen, ruis hoe schoon het was.

-----------------------------------
uit: 'Ariadne op Naxos', 1948.

Schrijver: Mies Bouhuys
Inzender: jm, 2 jul. 2008


Geplaatst in de categorie: reizen

3,9 met 15 stemmen 9.221



Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:jos zuijderwijk
Datum: 2 jul. 2008
Bericht:Alleen al met dit gedicht verdient zij de sterren aan de hemel.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)