inloggen

Gedichten

gedicht (nr. 2.333):

Vos en wolf

De grote ketel in de stalhoek:
houthompen, vuur en dampend water.
Hij zou in sprookjes niet misstaan
om jonge meisjes in te stoven.
Je stort er lakens in, die bollen,
verdrinkt ze met een grote stok
en stampt ons voetenvuil en zweet
en oogvocht murw, zodat het loslaat
en in de zinken emmer stroomt,
het voorportaal van grup en put.

Spookdromen, kom maar op. Ja vos
die in mijn deken woont, heus wolf
die op mijn kussen ligt – jij ruikt
straks net als ik naar groene zeep.
------------------------------------
Uit: Slapen bij een warme man, 2008.

Schrijver: Jos Versteegen
Inzender: lkl, 25 mei 2011


Geplaatst in de categorie: kinderen

3.0 met 15 stemmen aantal keer bekeken 5.975

Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)