start rijmen vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

actualiteit (30)
adel (2)
afscheid (128)
algemeen (65)
biologie (12)
dieren (178)
discriminatie (1)
drank (10)
economie (5)
eenzaamheid (166)
emoties (543)
erotiek (21)
ex-liefde (88)
familie (52)
feest (34)
film (5)
filosofie (170)
fotografie (16)
geboorte (15)
geld (5)
geweld (22)
haiku (13)
heelal (40)
hobby (12)
humor (129)
huwelijk (31)
idool (13)
individu (331)
internet (1)
jaargetijden (143)
kerstmis (30)
kinderen (157)
koningshuis (7)
kunst (58)
landschap (80)
lichaam (99)
liefde (384)
lightverse (102)
limerick (1)
literatuur (141)
maatschappij (159)
mannen (15)
media (3)
milieu (14)
misdaad (16)
moederdag (3)
moraal (25)
muziek (59)
mystiek (38)
natuur (289)
ollekebolleke (1)
oorlog (92)
ouders (122)
overig (38)
overlijden (156)
partner (42)
pesten (4)
planten (19)
poesiealbum (1)
politiek (15)
psychologie (69)
rampen (14)
reizen (90)
religie (63)
schilderkunst (25)
school (37)
sinterklaas (4)
sms (2)
snelsonnet (16)
songtekst (10)
spijt (22)
spiritueel (1)
sport (42)
taal (97)
tijd (202)
toneel (16)
vakantie (16)
valentijn (3)
verdriet (62)
verhuizen (6)
verjaardag (17)
verkeer (19)
voedsel (28)
vriendschap (45)
vrijheid (74)
vrouwen (32)
welzijn (43)
wereld (87)
werk (54)
wetenschap (21)
woede (12)
woonoord (162)
ziekte (38)

tabblad: gedichten

< vorige | alles | volgende >

gedicht (nr. 4379):

Het oude liedje

Het is weer herfst, de bollenvelden worden toegedekt
als kind'ren voor de nacht, maar déze nacht gaat maanden duren.
En aan de einder zie ik, hoe de rook van verre vuren
in paarse wolken langs de bleke najaarshemel trekt.
De zomer is voorbij en jij voorgoed van mij genezen.
Morgen zal het winter wezen.

De blaad'ren sterven en de laatste oogst wordt ingehaald.
Nog even en het vee gaat weer verdwijnen uit de weidden
en nu al lijkt het, door de flarden ochtendmist, bij tijden
tot wangedrochten uit het schimmenrijk te zijn vervaald.
Maar wie of wat geen warmte wacht, begint de kou te vrezen.
Morgen zal het winter wezen.

Alles wat in de kamer is herinnert nog aan jou,
als ik mijn ogen dicht doe, kan ik haast je stem nog horen.
Het bed heeft zelfs je warmte nog niet helemaal verloren,
alsof het zich verzet tegen de naderende kou.
Hoe zal ik ooit nog éne dag gelukkig zijn na dezen?
Morgen zal het winter wezen.

----------------------------------------------------
uit: 'Eerste keus: liedteksten 1968-1986', 1987.

Schrijver: Jan Boerstoel
Inzender: st, 12-09-2013



balBiografie van deze schrijver





Geplaatst in de categorie: ex-liefde

Zoek naar vergelijkbare inzendingen


Deze inzending is 5381 keer bekeken

5/5 sterren met 4 stemmen.



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)