Nachtstorm
Het is de wind, die huishoudt
in mijn hoofd, het is een janboel.
Ik schreeuw hem toe, luistert niet,
het lijkt verdorie wel anarchie.
Ik bespeur woede in mijn hart,
mijn mond zwijgt als het graf,
mijn ogen schieten links, rechts,
mijn oren potdicht en met recht.
Dan klinkt de reddende stem
ver weg, hoog boven de wolken.
Mijn tong verlamd, geen stem
klinkt uit mijn strottenhoofd.
De storm waait eensklaps over,
rust keert terug in mijn hoofd.
Ik slaap verder in de nacht,
de maan houdt stil de wacht.
Geplaatst in de categorie: overig

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!