Gemeen
Judas Iskariot, de verrader,
Judas Iskariot, de visionair,
Judas Iskariot, de verstandige,
Die zorgde dat de Verlosser
Deed wat hij moest doen,
De mens de kans gaf
Zich van verleden te ontdoen
Om zo met een schone lei
De toekomst toe te treden.
Petrus de Visser, de loochenaar,
Vlotte redenaar zich zag
Als plaatsvervangend God,
Een sjacheraar tot op ’t bot,
Pausen spraken met vele monden,
Protestanten hadden ’n andre mening,
Onttrokken zich aan ’t pauselijk gezag.
En wij, ’t gepeupel, het plebs,
Zijn de schaapjes des Heren,
Wij mogen slechts blaten,
Wijl kerkelijk en wereldlijk gezag,
Ons niet wil horen,
Laat staan verstaan.
Geplaatst in de categorie: moraal

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!