inloggen
dichtwoordenboek

tabblad: gedichten

< vorige | alles | volgende >

gedicht (nr. 4811):

Novalis

Zijn ogen waren onnatuurlijk groot,
De bleke handen te roerloos voor daden -
Zoals een bloem uitbloeit met open bladen,
Droomde zijn leven open naar de dood.

Zijn zwakheid glimlachte als een kind glimlacht,
Wanneer zijn tuin bevroren is van winter -
Hij stond voor 't raam en, glimlachend naar ginder,
Zong hij zijn zachte liefde door de nacht.

Er hingen - wonderlijk - over het paars
Behangsel schaduwen van vreemde dingen -
Hij kon zijn angst niet dempen door te zingen,
Het leven droeg iets stils, dood-stils en zwaars.

Hij zat voor 't instrument en speelde een wijs
Die meedreef met het drijven van zijn dromen,
En zei eenvoudig: ‘Nu zal wellicht komen
Hij met de zandloper, viool en zeis.’

... Verzamelde gedichten ...

Illustratie: Novalis (1772 - 1801)Schrijver: Martinus Nijhoff
Inzender: K.L., 12 Sep. 2015


Geplaatst in de categorie: afscheid

4.0 met 2 stemmen 8.221



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)