start rijmen vragen forum links zoek contact gastenboek inhoud

Categorieën:

(2)
actualiteit (20)
adel (2)
afscheid (90)
algemeen (45)
bedankt (2)
biologie (9)
dieren (124)
discriminatie (1)
drank (9)
economie (5)
eenzaamheid (131)
emoties (423)
erotiek (23)
ex-liefde (76)
familie (43)
feest (27)
film (5)
filosofie (122)
fotografie (12)
geboorte (14)
geld (3)
geweld (17)
haiku (14)
heelal (29)
hobby (10)
humor (99)
huwelijk (27)
idool (8)
individu (218)
jaargetijden (127)
kerstmis (25)
kinderen (109)
koningshuis (4)
kunst (40)
landschap (52)
lichaam (76)
liefde (349)
lightverse (61)
limerick (1)
literatuur (96)
maatschappij (122)
mannen (13)
media (1)
milieu (9)
misdaad (10)
moederdag (4)
moraal (19)
muziek (42)
mystiek (6)
natuur (224)
oorlog (70)
ouders (85)
overig (34)
overlijden (106)
partner (36)
pesten (3)
planten (12)
poesiealbum (2)
politiek (11)
psychologie (41)
rampen (6)
reizen (73)
religie (54)
schilderkunst (17)
school (20)
sinterklaas (2)
sms (2)
snelsonnet (17)
songtekst (4)
spijt (15)
sport (29)
taal (61)
tijd (147)
toneel (12)
vakantie (11)
valentijn (3)
verdriet (47)
verhuizen (4)
verjaardag (10)
verkeer (15)
voedsel (19)
vriendschap (37)
vrijheid (57)
vrouwen (30)
welzijn (29)
wereld (62)
werk (37)
wetenschap (16)
woede (12)
woonoord (112)
ziekte (27)

tabblad: gedichten

< vorige | alles | volgende >

gedicht (nr. 1004):

De wandelaar

Mijn eenzaam leven wandelt in de straten,
Langs een landschap of tussen kamerwanden.
Er stroomt geen bloed meer door mijn dode handen,
Stil heeft mijn hart de daden sterven laten.

Kloosterling uit de tijd der Carolingen,
Zit ik met ernstig Vlaams gelaat voor 't raam;
Zie mensen op een zonnig grasveld gaan,
En hoor matrozen langs de kaden zingen.

Kunstenaar uit de tijd der Renaissance,
Teken ik 's nachts de glimlach van een vrouw,
Of buig me over een spiegel en beschouw
Van de eigen ogen het ontzaglijk glanzen.

Een dichter uit de tijd van Baudelaire,
- Daags tussen boeken, 's nachts in een café -
Vloek ik mijn liefde en dans als Salomé.
De wereld heeft haar weelde en haar misère.

Toeschouwer ben ik uit een hoge toren,
Een ruimte scheidt mij van de wereld af,
Die 'k kleiner zie en als van heel ver-af,
En die ik niet aanraken kan en horen.

Toen zich mijn handen tot geen daad meer hieven,
Zagen mijn ogen kalm de dingen aan:
Een stoet van beelden zag ik langs mij gaan,
Stil mozaïekspel zonder perspectieven.

--------------------------------------
uit de bundel: De wandelaar (1916)

Schrijver: Martinus Nijhoff
Inzender: NJT, 21-02-2004



balBiografie van deze schrijver





Geplaatst in de categorie: tijd

Zoek naar vergelijkbare inzendingen


Deze inzending is 8781 keer bekeken

3/5 sterren met 10 stemmen.



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)