430 resultaten.
Dogmatisch Roosje.
poëzie
3.2 met 23 stemmen
3.211 God heeft u lief en schoon gemaakt,
Als een van zijn verkoornen;
Slechts als men zeekre puntjes raakt,
Dan voelt men, roosje, uw doornen.
----------------------------------
uit: Leekedichtjes (1860)…
Moe
poëzie
4.0 met 2 stemmen
1.818 De zonne zinkt.
Een sterre zoekt.
Een zon die hinkt
wordt opgedoekt.
't Moet wel, 't is wet.
Maar vóór te gaan,
heeft ze in een raam,
de zon, haar ziel
te koop gezet.…
Hoort ge die vogel...
poëzie
3.6 met 8 stemmen
1.784 Hoort ge die vogel daarbuiten niet fluiten
Zijn liedeke klein?
Lieve wil nu nog de ruiten niet sluiten
Voor wonderen fijn.
Zweeft met zijn zingen geen geur van seringen
In ons kleine huis?
De ziel der dingen lijkt binnen te dringen
Met bomengeruis...
Hoort ge die vogel daar buiten niet fluiten
Zijn liedeke klein?
Lieve wil…
DE REGENBUIE
poëzie
3.7 met 6 stemmen
3.430 Daar is hij weer! De deuren toe,
de luiken, boven, neder;
de zolder en de kelder dicht,
en alles toegetast,
zo dat hij maar niet in en bore,
en buiten blijve, vast,
de vijand, die geruchte houdt,
en buist en boos is, weder!
Hij rotelt aan de ruiten en
hij doet de ramen ronken;
de wind is zijn gebuurman, en…
W E D E R W I J V E N
poëzie
3.9 met 10 stemmen
2.702 Hoe wijsterwaster vliegt de lucht
vol witte en lange stressen
van wolken, die ontvlochten zijn
lijk haar van toveressen.
‘t Zijn wederwijven, boos en fel,
die, kwaad van hande en vinger,
malkanderen te kere gaan
en vechten slag om slinger.
De wind zit in ‘k en weet niet welk
geweste, ‘t buist en bommelt
alhier,…
Het zonnespel
poëzie
4.0 met 1 stemmen
1.471 Zacht daalde een zondagsrust, ik lei mij dromend
In ’t geurig bloemgoud, dat de wei bemint,
En voor mij rees, het groene veld omzomend,
Een berg van beuken, wuivend op de wind.
Ik zag hun toppen, beurtlings licht en donker,
In vlammend opgaand en weer uitgeblust,
Zich tot dit spel van schaduw en geflonker
Alle gewillig lenen, onbewust.
Doch…
Herfst-mijmering
poëzie
2.9 met 65 stemmen
5.627 Met flauwe glans,
Schijnt aan de trans
De zon door nevelen heen;
Het kwijnend bos,
Beroofd van dos,
Begroet haar glans alleen;
Want gaarde en tuin,
En veld en duin,
bezitten loof noch bloem,
Wier frisse kleur
En zoete geur
Voortaan haar schoonheid roem.
Geen nachtegaal
Stemt, in haar taal,
Een zang, haar licht ten lof;
Haar adem…
De aarde ligt in de armen van de zon
poëzie
3.9 met 15 stemmen
4.025 De aarde ligt in de armen van de zon
in stilte en weeld'. Het is gelijk dat uur,
waarin twee minnenden zich aan het duur
werk der liefde herinn'ren en de bron
van 't leven. Elk of hij niet anders kon,
staart naar de ander met een zacht getuur.
Zo ligt de aarde stil in het azuur,
en 't gouden bed waarin de zon haar won.
Zacht speelt de…
Uit mistig grijze morgenstrepen
poëzie
3.6 met 18 stemmen
3.960 Uit mistig grijze morgenstrepen,
Een onbewogen meer gelijk,
Verschijnen vormeloze repen:
't Zijn bomen op een hoge dijk.
Nu 't lichter wordt, zie ik iets blinken
Als sikkels, opgaande uit de mist;
En klokjes hoor ik droomrig klinken:
De herder met zijn koeien is 't.
En meer en meer komt 't groen der weiden
Te voorschijn uit de morgendamp…
Ik ben van de buiten
poëzie
3.4 met 13 stemmen
3.140 Ik kreeg van mijn ouders,
Van ieder mijn part
Van vader mijn schouders
Van moeder mijn hart
Ik vocht om mijn stuiten
Met zuster en broer.
Ik ben van de buiten
Ik ben van de boer!
Bij d'eigenste pachter,
Eerst koeier, dan knecht
Mijn klakke van achter,
Mijn hoofd immer recht
Zo dien 'k om duiten,
En teer op mijn toer;
Ik ben van de…
ROZENBOOMPJE
poëzie
3.4 met 7 stemmen
4.045 Als de zon des avonds daalt
Staat mijn rozenboom vol rozen,
Nog in 't avondlicht te blozen
Dat zijn kruintje overstraalt.
't Boompje bloost en bloeit en blinkt
In het midden van mijn gaarde,
Waar rondom de duisterende aarde
Reeds in schemering verzinkt.
's Avonds in mijn rozenhof
Blijft het avondlicht gevangen
In de duizend roosjes…
Beschouwingen over de natuur en de mens
poëzie
3.0 met 19 stemmen
4.218 Curieus is 't toch dat de natuur
Al wat de mensen hier bederven
Met hare vriendelijke verven
Wel weer terecht brengt - op den duur!
Een paviljoentje, of andre taart
- Een klerenmagazijn bijvoorbeeld -
Is nog maar niet voorgoed veroordeeld,
Maar wordt juist mettertijd wat waard.
Ja zelfs een standbeeld in ons land
- Iets op zichzelf betreurenswaardigs…
HET GERS
poëzie
3.9 met 10 stemmen
2.817 Hoe gulzig is het gers
en goed om in te baden
tot boven uwe boeg,
o gierig rundervee,
dat, in de oude stal,
hebt oude voederbladen
en vuile draf geteerd,
zo menig maand alree!
Hoe geren zie ‘k u, hoorne
omhoge, neuzegaten
wijd open, almedeens,
in ‘t gulzig gers gelaten!
Ge'n weet uw weelde niet,
noch uwe weg! Ontheven…
WILDZANG
poëzie
3.8 met 27 stemmen
8.869 Op de Hofstede van ‘De Hinlopens’, buiten Naarden.
---------------------------------------------------
Wat zong het vrolijk vogelkijn,
Dat in de boomgaard zat!
Hoe heerlijk blinkt de zonneschijn
van rijkdom en van schat!
Hoe ruist de koelte in ’t eiken hout,
En vers gesproten lof!
Hoe straalt de boterbloem als goud!
Wat heeft de wildzang…
EN BIJ HET RIJZEN VAN DE SCHEEMRING LAG
poëzie
4.2 met 20 stemmen
3.277 En bij het rijzen van de scheemring lag
hij in het gras naar de avondlucht te turen;
een afgrond leek de tuin, berghoog de muren,
zwart van klimop met stoffig spinnenrag;
het leek een put, waarin de lichte dag
op ’t donker dreef, vol schimmige figuren;
enkle geluiden van de naaste buren
plonsden als steentjes d’rin: een naam, - een lach.…
De stille weg
poëzie
3.4 met 74 stemmen
6.073 De stille weg
de maannachtlichte weg -
de bomen
de zo stil oudgeworden bomen -
het water
het zachtbespannen tevreeë water.
En daar achter in 't ver de neergezonken hemel
met 't sterrengefemel.…
PERELS
poëzie
3.7 met 11 stemmen
4.236 Nog eer de blâren schieten,
in ’t hofbeluik,
hoe geren zie ’k uw sprieten,
o perenstruik;
hoe geren zie ’k uw takken,
vol blommen staan,
vol perels, al in pakken
eer ze opengaan!
En mochte ik maar, zo even,
door Gods beschik,
u, perentakken geven
nen tovertik;
’t en zou geen pere krommen
uw hout, voortaan:
veel liever zie ’k de blommen…
En de ontlokene, de rozen . . .
poëzie
3.6 met 17 stemmen
3.639 – En de ontlokene, de rozen,
waar zijn de rode rozen, waar?
triomf en lof en opperst blozen
van het voldongen zomerjaar.
Een levenstoppunt uitverkozen
van voorrecht is hun toegestaan
en op hen ligt het sprakeloze
van hoogste invervullinggaan.
Maar ook, hoe is in dit ontplooien
een nadere erkentenis bereid:
verwelken wordend uit voltooien…
DE zon. De wereld is goud en geel
poëzie
3.7 met 23 stemmen
4.915 DE zon. De wereld is goud en geel
en alle zonnestralen komen heel
de stille lucht door als engelen.
Haar voetjes hangen te bengelen,
meisjesmondjes blazen gouden fluitjes,
gelipte mondjes lachen goudgeluidjes,
lachmuntjes kletterend op dit marmer,
ik zit en warm m' er.
Kijk ze nu lopen wendend om me heen,
't lijkt wel een herfst…
In de duinen
poëzie
4.0 met 3 stemmen
2.300 Daar is het blanke zonlicht overal
en vult de dag zijn beker tot de rand.
Hij spiedt de kleuren, die in 't fijn kristal
spelen, als in een kelk van diamant.
Lichtdruppen storten in een parelval ;
hij ziet niet, hoe zijn achteloze hand
de blanke lichtdauw spilt, een zilverval
van zon op witgrijs zilvermos en zand.
Stil ligt hij in de diepe duinendel…
De bolle winden blazen blauwe kuilen
poëzie
4.8 met 4 stemmen
1.408 De bolle winden blazen blauwe kuilen
In 't asgrauw fulp der zware wolkenlagen.
Een brede bundel zilverlicht komt vagen
De rug van 't grijze paard, dat sleept de zuilen
Van 't woud, gevelde stammen, op een wagen,
Door 't blanke heizand. Matte zon bleef schuilen.
De wegen-eiken staan als ijle tuilen,
Maar de einder-berken, schimmenbleek, vervagen…
B O M E N
poëzie
3.9 met 12 stemmen
4.565 Hoe eigen zijn de bomen al,
van dracht en groeibaarheid:
de hulst en bloot zijn takken nooit,
hoe fel de buien bersen;
de beukenboom zijn handen naar
de hemel openspreidt;
en, slaande, schijnt de berkenroe
de wilde wind te dersen!
Op wacht, en achter ‘t water, staan,
gekroond met immer vers
gewaai, de dikke koppen…
Vóór de regen
poëzie
3.4 met 25 stemmen
3.889 Ik zat in 't hoge gras;
Het was een warme zomerdag,
En uit de donkre schaduw zag
Ik naar de lichte plas.
En onbeschut voor 't zonnevuur
Lag 't slaperige land
Te domlen in het middaguur,
Door moeheid overmand.
Het was zó stil, zó stil....
De vogels droomden op hun tak,
Het windje sliep op 't watervlak,
En rustte koel en stil.
Een…
Buiten
poëzie
4.2 met 6 stemmen
1.857 Nu rust ik uit - nu rust ik uit
In bloemen en in geurig kruid;
En nu ik u ben ingegleden,
o Donzen bed, satijnen peul*,
Nu voelen eerst mijn kranke leden,
Hoe gij mij zijt tot baat en heul.
Trouw hondje! - gij, gij wist het wel! -
Het scheen mij enkel dartel spel,
Als gij uw neusje…
Het hele landschap heeft de zon vertaald
poëzie
3.9 met 17 stemmen
2.319 Het hele landschap heeft de zon vertaald:
'T aardappelveld in niet hoog artistiek,
Maar deg'lijk proza; kleurige lyriek
Geef 't koornland in een stijl, die vlamt en straalt;
Episch in vorm, in kleur, in klank, verhaalt
De eik van zijn zonneheros in epiek;
De populieren zoeken 't in tragiek,
Hoe op 't geen hoogstreeft, 't noodlot bliksemstraalt…
Vloed
poëzie
3.3 met 19 stemmen
2.865 De dag verdween in tranen: regen gutst
Langs rots en ruigte, en klettert op de paden -
Wat stuit de golf, die langs de bergen klutst,
En breekt door 't woud, met rots en woud beladen?
De stroom zwelt aan, en bruist en schuurt ontrust
De boord, die valt, om straks het hoofd te baden
In 't vochtig, vratig graf, dat Judas kust,
En zwelgt de…
De bomen waren stil
poëzie
3.7 met 38 stemmen
6.295 De bomen waren stil,
de lucht was grijs,
de heuvelen zonder wil
lagen op vreemde wijs.
De mannen werkten wat
rondom in de aard,
als groeven ze een schat,
maar kalm en bedaard.
Over de aarde was
waarschijnlijk alles zo,
de wereld, en 't mensgewas
ze leven nauw.
Ik liep het aan te zien
bang en tevreden,
mijn voeten als goede liên…
RUST.
poëzie
3.2 met 20 stemmen
3.283 Het ruisen van de regen hoor ik niet
Door het ruisen van de Zee.
Ademloos luistert mijn Lied.
Soms ruist de zeewind mee.…
De lucht was als een perzik
poëzie
5.0 met 1 stemmen
2.613 De lucht was als een perzik,
de maan een diamant,
zwellende lentenevels
bloeiden aan alle kant.
Over de donzen heuvels
lokte een ver verschiet;
wij wilden zwervend worden,
zwervend en anders niet.
De voeten gingen samen,
de hand lag in de hand,
de harten opgedragen;
aarde, waar is uw band?
In dreven en valleien
geklommen…
Tot de zonne-stralen
poëzie
3.3 met 7 stemmen
4.218 Die gevel-toppen gunt uw zachte schijnen,
Die eeuwig weer in ons te wekken lust,
Der schoonheid pelgrims, de eeuwige trekkens-lust,
Zon-stralen, gij, 't zij, waar in de woestijnen
Of land-, of zeeë-vlakten en eindloos deinen,
Uw rustloos licht op lege leegten rust,
't Zij gij de heilige kracht of 't teder kwijnen
Van uwer liefste kinderen…