inloggen

Gedichten

gedicht (nr. 5.567):

hoe wit met hoe velen

hoe mooi zeg gewoon hoe mooi ze groeien vanzelf ademen
en leven dicht opeen en nieuw onder de donkere bomen de oudsten als gul
gemorste melk of sneeuw sneeuw is er niet gevallen geen vlokken tussen de bomen
dwaling van zonnevlekken maar plotselinge witheid wildheid van bloesems slaat uit
in dit scherfje ongerept winterbos dat thuis en haven is voor de bloemen rust en vrede
voor wandelaars waldgänger hoe dan ook het wil niet meer uit het hoofd het woord
waldgänger niet wijken het fluorescerende ochtendbeeld van melkbloemen of sneeuwklokjes genoemd zijn geneeskruid verhoeden wordt gezegd dat het denken wegkwijnt flikkeren op
in de veranderende kleuren van het licht en hoe ze ’s avonds knikken naar de aarde als ze slapen
zo zeldzaam mooi is een dergelijke slaap de glans van bloesems geven zich ongemoeid over
aan de aarde ja slechts aan haar en het weer dat zo ongekend en niet meer te volgen is
als het brandende bloeien onder de donkere bomen de oudsten zeg gewoon hoe mooi het is
als sneeuw zo wit en weids dwaalt de blik nu als vanzelf zonder gedachten

--------------------------
uit: schokbos (2020)

Schrijver: Annelie David, 1 mrt. 2021


Geplaatst in de categorie: natuur

Er is nog niet op deze inzending gestemd.aantal keer bekeken 584

Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)