192 resultaten.
1999 n. Chr. Hier, nu
gedicht
2.9 met 25 stemmen
11.708 Vanwaar ik droom en schrijf en liefheb
ingescheept voor deze vreemde reis.
Slechts gewapend met de zekerheid
dat door eeuwen en ijstijden, dwars
doorheen het eindeloze strijdgewoel
de ononderbroken draad van Ariadne
loopt waarmee ik aan het begin van alle
tijd zit vastgeknoopt. En onderweg
is iets van mij ooit alles al geweest.
In de…
Ochtenden - I
gedicht
3.1 met 17 stemmen
8.720 De drempel half belopen
haalt het licht in de kamers.
De ochtend schrikt
met nog slapende gewrichten.
De nacht kleedt zich om
in de kasten van het huis.
De ene voet voor de ander
in de ene dag op de ander.
--------------------------------------
Uit: 'Zandloper', 1997.…
Op zee
gedicht
4.1 met 17 stemmen
9.604 Voor H.C. ten Berge
Dat de veerboot langs de kustlijn kruipt,
tussen zeeen door wij het einde van de dag
betreuren. Zwak gestommel, middernacht
reeds lang voorbij, ruw het oppervlak -
en niemand het merkt. We zijn al weg,
denken ons een haven in. Het past zo nauw:
de auto in het ruim. Valleien van water, oneindig
glijdend, en wij daarboven…
Brachystonicum
gedicht
3.5 met 14 stemmen
8.493 Zwarte gemalen malen het zwaarste graan
Sterren verdwijnen in negatief licht
Fantomen van duisternis krijgen ruim baan
En de korenbloemen gaan eraan de
Zachte blauwe bloemen gaan eraan
Zwetend wacht hij op een uitweg
Als op de krampen die in de morgen komen
Zwanger marmer aan zijn marmelade voeten
Baart een schelp die hem voor eeuwig omsluit…
Wijnrood
gedicht
3.4 met 20 stemmen
12.399 Handlangertje van de dood, de tijd, haast
zich nooit, verlaat zich nooit, treft,
geluidloos en rattig in zijn tred. Spoorslags
ijlt vooruit al wat de wereld najaagt.
De rust tijdens de vlucht. Ik drink wijnrode
lippen van minnaressen met wangen hectisch
nog van de tocht door de stad; ik brand me
aan glazen warm al van blos en mondafdruk.…
VERVELING
gedicht
3.2 met 54 stemmen
12.194 als een gipsverband
heeft de tijd zich om mijn benen
geslagen,
om mij heen zie ik niets
of lijkt alles zoek
morgen en gisteren stellen mij
dezelfde vragen
ook vandaag vouwt zich op
tussen het stoffig papier
van een langdradig boek
zwaar op mijn bureau,
waaraan ik zit
en zit…
De wandelaar
gedicht
4.9 met 7 stemmen
11.790 Mijn eenzaam leven wandelt in de straten,
Langs een landschap of tussen kamerwanden.
Er stroomt geen bloed meer door mijn dode handen,
Stil heeft mijn hart de daden sterven laten.
Kloosterling uit de tijd der Carolingen,
Zit ik met ernstig Vlaams gelaat voor 't raam;
Zie mensen op een zonnig grasveld gaan,
En hoor matrozen langs de…
Dit is de tijd
gedicht
3.6 met 56 stemmen
17.963 Dit is de tijd. Je mag zeven keer raden.
Zeven maal zeventig keer heb je de tijd
om gissend en missend, door schande en schade
wijs, te ontkomen aan de kwade
droom van de wenteltrap eeuwigheid.
Dit is de tijd, de tijd om te zorgen,
zorgend staan met je rug naar het vuur,
bloot aan de dood, in het leven geborgen,
lezen de schaduwen van morgen…
Hij krijgt de tijd
gedicht
3.7 met 38 stemmen
13.706 Tussen zijn aankomst en zijn gaan ontkwam
de tijd die nodig was geweest om te bestaan.
Zoveel wist hij. Maar onder aan het strandhotel
richtten zich de golven op en vielen neer.
Soms trad in deze buldering ineens een stilte in.
Het was alsof het eiland dan zichzelf vernam.
Dit is de tel waarin de tijd in haar geheel
opnieuw verstrijken kan.…
Tijd: uiteindelijk
gedicht
3.0 met 22 stemmen
14.954 Tijd: uiteindelijk
Zijn we er zonder wrevel in gevangen,
Samen in dit kleine huis, verzoend
Met de jaren van blindheid en schuld,
Bevrijd
Van de sintvitusdans
Op het ritme van de angst.
Van buiten de muren komt ons eens geruis.
Is het de wind?
Of is het de nacht waarin we,
Tijdloos ver in de ruimte,
Nooit meer blind zijn,
Nooit meer schuldig…
Vol tederheid herhaalt zij wat ze ziet
gedicht
2.6 met 19 stemmen
11.670 Vol tederheid herhaalt zij wat ze ziet
zoals zij het zag in zichzelf.
Met geloken ogen, totaal ontdroomd,
bevestigt zij in zich de duur, het duren:
en zij zet zet zich voort zonder van plaats
te veranderen, zonder te verliezen
tijd. Het volle licht van de middag is
om haar. Haar schoonheid wordt niet moe
zich te doen tot mij gedaan is…
De paradox van slaap
gedicht
3.2 met 20 stemmen
10.830 Die muurschildering, de vogel op hoge stelt,
de twee speren, de bizon, de man met armen
wijd, liggend tegen lucht, zijn pik stijf.
Waar gaat dit naartoe?
Nergens: nacht, land van wat
niet bestaat.
Wat richt die vogel/ziel
op hoge stelt/hakken uit?
Op het tipje van je tong begint de wacht.
Kon je maar als een dolfijn
slapen met een…