243 resultaten.
De traan
poëzie
3.8 met 13 stemmen
3.489 De traan, die opbruist naar onze ogen,
In liefde en vriendschap, vreugde en smart,
Die is de ware tolk van 't hart!
Wie door een mond ooit werd bedrogen,
Die een geveinsde glimlach plooit,
Een traan!..... een traan misleidde nooit!
De traan, naar boven opgedreven
Bij 't heimlijk slaken van een zucht,
Geeft de geperste boezem lucht…
Wat ben ik, dan een vogel
poëzie
3.9 met 8 stemmen
1.810 Wat ben ik, dan een vogel in de schemering?...
Ik ben verliefd, o mijne vriende', en, wen ik zing,
hoor ik de avond-dauw uit zware beuken leken
en, dof geplets, de rillend-diepe stilte breken;
en - 't is of mijn geluid in mijne kele breekt...
Ben ik bedroefd? - Hoor hoe een nachtegaalke spreekt
mistroostig en gerust, met droeve en staêge…
't Is me of ik uit een lange droom ontwaakte
poëzie
2.2 met 4 stemmen
1.531 't Is me of ik uit een lange droom ontwaakte;
weer slaan mij vreugdevlammen in 't gelaat,
en wat ik ál doorstond, in bittre haat,
gaat op in 't hoogtijdsvuur dat groots ontblaakte.
Hoe lang heb ik gedroomd - wie weet? het staat
geboekt op treurge bladen, - sinds daar kraakte
mijn ganse wezen en het leven staakte
zijn wondergang? - o bron van…
Nu weet ik wat het allerdroevigst is
poëzie
2.9 met 13 stemmen
4.738 Nu weet ik wat het allerdroevigst is.
't Is niet de dood of scheiding, niet het kwaad,
Dat anderen ons aandoen, of 't gemis
Aan aardse liefde, niet, dat ons verlaat
En jeugd èn schoonheid, eer genoten is
Het zoet van 't leven, niet de dwaze daad
Die men beweent in rouw en droefenis;
't Is: als men leeft voor iets, dat niet bestaat
En…
Sponsae aeternae
poëzie
3.8 met 9 stemmen
2.109 Ik weet dat gij mij nog verschijnen zult,
Zo zeker als de bloemen wederkomen:
Der dingen dove dek hebt gij genomen,
Het donkre leven dat de steden vult,
De winterwind die klaagt door dorre bomen,
Ten sluier die uw eeuwge glimlach hult...
Ik zou gelukkig zijn, als slechts geduld
De slaap kon vinden om van u te dromen.
Een prins, te vroeg…
De Lethe
poëzie
2.6 met 5 stemmen
1.097 Log stuwt de Lethe hare lome baren,
als onbewuste dromen, naast het veld
van louter licht en vreê, waar alles meldt:
Hier komt ge in 't Rijk der eeuwge rust gevaren.
De schimmen, die onlijdlijk ommewaren,
schonk zij vergetelheid, en zalig welt
de bron van 't ware leven, en nu smelt
de ziel in kalmte, nooit op aarde ervaren.
Toch,…
Geluk, zo zedig en zo zeker
poëzie
3.3 met 7 stemmen
1.584 Geluk, zo zedig en zo zeker,
als water dat in glazen beker
zijn zuivere genuchte vat:
ik heb uw goede dronk genoten,
en 't heeft door mijne leên gevloten,
als van wie nooit gedronken had.
Mijn ogen wijd, mijn lippen open,
zijt ge in mijn aadren stil gedropen
tot de' allerlaatste', en béste drop...
Was ik de dorst'ge der woestijnen…
Eetwagen
poëzie
3.7 met 11 stemmen
1.966 Hij dronk de wijn. Ik zag de zonnestralen
Eén eeuwig ogenblik verspelen in zijn glas.
Hij zal nooit weten (God weet waar wij dwalen!)
Dat ik de dichter van zijn wijnkelk was.…
Ene wolk
poëzie
2.2 met 6 stemmen
1.735 Een plekje blauw breekt door aan 't zwerk,
En 't schemert op de heuveltoppen,
Het tikklen zwijgt der regendroppen,
Een lichtstraal glijdt langs 't vochtig perk.
Alleen 't geluwde koeltje fluistert,
Als goud gloeit weer de vlinderwiek,
De zonnestraal wekt woudmuziek,
En dan - een wolk, die 't al verduistert.
Uit lichtblauwe ogen straalt…
Sonetten II
poëzie
2.8 met 6 stemmen
2.249 Ik wou, ziel! dat gij goed waart, eind'loos goed,
Dat gij uw vijanden vergaaft en bad
Voor wie u kwaad doen, dat ge een wet bezat,
Die zei, dat ge al wie lijdt, beminnen moet.
Gij hebt die wet, ja, maar zo dikwijls doet
Ge alsof ze er niet was, of ge 'r woord vergat,
Of gij u zélf vergat, want, ziel! gij had
Geen wetten dan u zelf…
Wat is dat toch een leventje van u
poëzie
3.0 met 3 stemmen
2.062 Wat is dat toch een leventje van u,
Alles te doen met uwe kleine handjes,
Zo klein en fijn weglopende in de randjes
Der mouwtjes, die weghouden in schaduw
Uw armpjes, die zo warmpjes en zo luw
Ligge' aan uw lichaam; en uw kleine tandjes,
Zij knabblen al wat komt over de randjes
Van uwe…
'K BEN VREEMD TE MOEDE
poëzie
3.9 met 7 stemmen
2.251 'k Ben vreemd te moede .... er vlot iets om me henen
als grauwe mistlucht in Novemberlanen;
'k ben droef te moede als een, de borst vol tranen,
met 't naar gevoel van nimmermeer te wenen ....
'k Ben laf te moede .... o klaar in 't leven lezen,
o nimmer zich met mannenkracht omgorden;
o klaar besef van kunnen-zijn en toch-niet-wezen,
van willen-zijn…
Het strand was stil en bleek
poëzie
3.4 met 5 stemmen
3.354 Het strand was stil en bleek
ik zat doodstil en keek
naar de blauwe rimpeling -
er was ook windgezing.
Ik wist wie naast me zat
witrokkig en ze had
roosrood het glad gezicht -
er was ook veel zonlicht.…
Het halssnoer
poëzie
3.6 met 7 stemmen
2.848 Ach Here de vrijheid
klatergouden geschenk
dat de liefste mij geeft als hij gaat
Ach Here,
dat droef sieraad.
Hij hangt het mij jubelend
over 't strenge kleed, en - ik lach
met de lach die de mondhoeken slijt
neem gij mij dat strassen*-lawijt*
van de fiere troon van de hals
ach Here de vrijheid
zo vals.
Want hij hield mij zingend omhoog…
De rozen domen en dauwen
poëzie
4.0 met 23 stemmen
4.073 De rozen domen en dauwen
ten avond, vredig-vroom;
er waart een paarser schaâuwe
om de kastanje-boom.
De vijver blankt in dampen;
de troostlijke nacht begint.
- Ontsteek, ontsteek de lampe:
mijn angst ontwaakt, o kind.…
Heer, mijn hart is boos en schuldig
poëzie
3.7 met 62 stemmen
8.565 Heer, mijn hart is boos en schuldig,
Maar Gij zijt barmhartig en
duizendmalen meer verduldig
als dat ik boosaardig ben:
geef mij dan, o Heer, ik vraag het,
geef mij hulp en sta mij bij;
'k heb gezondigd, ik beklaag het,
help mij, God! Vergeef het mij!…
Waarom verwijt ge mij
poëzie
3.7 met 18 stemmen
2.721 Waarom verwijt ge mij de paden te verlaten
die, van hun eigen blik verlicht, de mensen gaan,
De zee die klotst om haar zelf- en, zonder baak of bate,
weet in haar slappe kom haar eindloosheid te slaan.
Ik heb geen doel, mijn God, dan van uw wil geboden.
De zee slaat aan de maan de maat van alle tijd.
Ik ga geen wegen dan, misschien, de weg…
Nachtbloesems III
poëzie
2.8 met 14 stemmen
3.887 III
Het duister omhuifde de velden;
Droef dwaalde het maantje omhoog,
En droef zag het steeds op ons neder,
Als met een brekend oog.
Wij doolden te zaam door de velden;
Wij hadden elkander zo lief!
Ik zoend' haar, en 't zoeltje lispte:
`O, jij diefje, o, zoentjesdief!'
Plots klonk er een lach in de halmen;
Zij schrikte,…
Ik zal mooi dood-gaan
poëzie
3.3 met 31 stemmen
4.850 Ik zal mooi dood-gaan, als een vlammend vuur,
Dat ééns nog flikkerde in zijn schoonste gloed,
Eer 't gans geblust was. Want als enig goed,
Rest mij de schoonheid nog, een korte duur.
Hoe zalig is dat nu, wanneer ik tuur
Naar mijn gedachten in hun brede stoet,
Die álle schoon zijn, en niet één die doet,
Of zij wou vlieden uit Mijn hoog Bestuur…
AAN EEN PESSIMIST
poëzie
4.5 met 8 stemmen
2.892 Als `t regent, daar de zon bij schijnt,
Ziet gij alleen de regen;
Ik vestig op de zon mijn oog
En op die lieve regenboog,
En lach hem hoopvol tegen.
"Goed ! Maar intussen wordt gij nat."
O ja, dat was te duchten,
Zo ik mijn regenscherm niet had,
Dat 'k altijd meeneem op mijn pad,
Bij 't zien van donkre luchten.
"Maar als uw regenboog…
Eens heb ik de dalende zon gevraagd
poëzie
4.0 met 27 stemmen
3.551 Eens heb ik de dalende zon gevraagd
te wachten,
eens heb ik van dichte nacht-schaduw
het luchte, vluchtige vlieden beklaagd -
en nu! - en nu! -
Nu glijden de tijden zo langzaam aan,
de dagen, de tragen, ze willen niet gaan
en lang - lang - lang zijn de uren der nachten.
Eens hield ik de goudene uren te goed
voor klachten,
eens vulde ik de…
Geluk
poëzie
4.0 met 18 stemmen
4.197 Dit is geluk:
Dit is de vreugde die langer duurt
Dan de eigen dag, dan overnacht;
De vreugde die groeit in dromen onbedacht
En, voor de zon de witte morgen vuurt,
Om roereloze slaper wacht
In al der aardedingen donkere pracht;
Dit is de vreugde die zich niet meer bezint:
O onverwonderd wonder, heilige macht
Van 't dagelijks herboren kind…
Misschien
poëzie
3.7 met 14 stemmen
2.998 Soms kijk ik uit mijn leven op,
Of iets voorbij mij gaat -
Of ook mijn harde boerenkop
Iets heerlijks overslaat.
't Kon zijn! - een mens, een vrouw, een vriend -
Een parel, of zo iets, -
Iets dat ik eig'lijk had verdiend -
En toch - ik weet toch niets.
Nee, gaat mijn leven iets voorbij,
Dat 'k zelf niet goed kan zien -
Dan is 't voor andre…
O kinderen van mijn dromen
poëzie
3.4 met 17 stemmen
2.939 O kinderen van mijn dromen,
O bloemkens van mijn tuin,
Wat buigt ge droef en lome
Uw tengere kopkens schuin.
Ge waart zo fris te voren
Als klokskens van de mei,
O lievekes, geboren
Uit droom en mijmerij.
En 'k heb u, stil-bewogen,
Gevoed, bij nacht en dag,
Met regen van mijn ogen,
Met zonne van mijn lach.
Ik wil u niet zien welken;…
Moeder
poëzie
3.8 met 30 stemmen
5.053 Moeder naar wier liefde mijn verlangen
Sinds mijn kinderjaren heeft geschreid,
Ach, hoe zult gij mij zo straks ontvangen
Na de lange scheidingstijd?
Zult gij mij aanstonds als uw kind begroeten,
Als ik ontwaken zal uit mijn dood?
Zal ik nederknielen mogen voor uw voeten
Met mijn hoofd in uwe schoot?...
Maar wat dan? Wat zult gij tot mij…
Lichte nacht
poëzie
3.9 met 8 stemmen
2.710 Ik ben voor de nacht gaan staan
Met mijn lijf vol zonden -
Mijn rode hoofd hing gebonden
In de stralen der maan.
De oneindige hemel geleek
In zijn diepe beminde
Stilte een spiegel - waarin de
Eeuwigheid keek.
Als een kille zee van wijn
Dreef de hemel met stille
Golven - ik wilde mijn lippen optillen
Om te drinken en rein te zijn.
Als…
Mist
poëzie
3.9 met 16 stemmen
3.113 Dees dag is lijk een moede man,
Die langs een strate, grijs en stil,
Zijn droefenis niet kroppen kan
Maar toch niet schreien wil.
Over de mulle wegen zweeft
Een waas van onverschilligheid...
Vrouw, die zich zonder liefde geeft
En heengaat zonder spijt.
Daar zoeft wat zonne-lichternis…
Moederke
poëzie
4.4 met 41 stemmen
10.354 't En is van u
hiernederwaart,
geschilderd of
geschreven,
mij, moederke,
geen beeltenis,
geen beeld van u
gebleven.
Geen tekening,
geen lichtdrukmaal,
geen beitelwerk
van stene,
't en zij dat beeld
in mij, dat gij
gelaten hebt,
allene.
o Moge ik, u
onweerdig, nooit
die beeltenis
bederven,
maar eerzaam laat
ze leven in
mij…
Twee honden over een been komen zelden over een.
poëzie
3.6 met 18 stemmen
4.136 De Vorst mag* geen gezel* in zijn gebied gedogen,
Hij wil zijn rijk en troon beheersen ongemeen*:
De Minnaar is jaloers schier* van zijn eigen ogen,
Ja van zijn schaduw, die hij voor hem* uit ziet treen*.
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
kan
concurrent
ongedeeld
bijna
zich
lopen…
HET ELFDE SONNET VAN DE SCHOONHEID
poëzie
2.8 met 17 stemmen
4.115 O rijpe boezem wit die voor mijn ogen stadig
Zo liefelijke zweeft, gelijk de wederschijn
Van d'allerwitste sneeuw aan d'oorsprong van de Rijn -
Maar uwe schimmering, o zwakke ogen schadig!
Met maagdelijke melk verschijnen daar beladig
Twee zilver dopkens rond, op elk staat een robijn,
't Zijn appelkens gelijk…