inloggen
voeg je poezie toe dichtwoordenboek

tabblad: poezie

< vorige | alles | volgende >

poezie (nr. 3226):

'T IS MAAR EEN WISSEWASJE

Een scheepskapitein, een ouwe rob.
Een afgod der matrozen,
Had nooit gevreesd op 't pekelsop,
Bij storm of waterhozen;
Hij floot, hoe slecht de zaak ook stond -
En tienmaal daags kwam 't uit zijn mond:
"'t Is maar een wissewasje!"

Een passagier, die maar aan boord
Amand'len zat te knabb'len,
Begon die spreuk, zo vaak gehoord,
Heel aardig na te babb'len,
Bij elk geroep, bij elk gefluit,
Riep Lorretje heel droogjes uit:
"'t Is maar een wissewasje!"

Eens werd het vaartuig op een klip,
Bij felle storm, gesmeten;
En wat men deed, het koppig schip
Wou van geen stuur meer weten.
"Het is te laat! Verloren boel!"
Riep al het volk. En Lorre koel:
"'t Is maar een wissewasje."

En daag'lijks hoger steeg de nood,
Het schip stond op een zinken,
Men had gebrek aan vlees en brood
En niets meer om te drinken.
De kapitein schudt droef de kop:
Maar Lorre schreeuwt met lege krop:
"'t Is maar een wissewasje?"

Het laatst gevogelt' is geslacht,
Niets rest er meer te bikken.
Men heeft aan Lorre wel gedacht,
Maar durft er niet van kikken.
Daar grijpt ook hem de kapitein, -
En Lorre zong zijn laatst refrein:
"'t Is maar een wissewasje!"

Carillon, Tjeenk Willink, Zwolle, 1963

Schrijver: Bernard van Meurs
Inzender: Han Messie, 17 Dec. 2011


Geplaatst in de categorie: humor

3.5 met 6 stemmen 738

Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)