5289 resultaten.
Avond
poëzie
4.1 met 32 stemmen
4.801 Ach, m'n ziel is louter klanken
In dit uur van louter kleuren;
Klanken, die omhoge ranken
In een dolle tuin van geuren.
-----------------------------
uit: Music-hall (1916)…
Het rijk der tranen
poëzie
4.0 met 4 stemmen
2.144 Een waterval, gestremd in 't vallen, bomen,
Verstijfd bij 't wortlen in de holle schacht,
En schepselen van duizend nare dromen....
't Is alles dood en steen en ijs en nacht.
De geest der hel, die dit heeft voortgebracht,
Doet vloek en klacht door lege stilte stromen:
Gij, rijk der tranen, waar de dood slechts lacht,
Baart angst en…
Koket? Ik? Denk terug aan de eerste keer
poëzie
4.1 met 21 stemmen
2.272 Koket? Ik? Denk terug aan de eerste keer:
'T was winter, en je ging naar de avondschool,
Een Maandag; 't rook in huis naar was en kool,
Net even naar als, straks, die vormenleer.
Toen wees je vriendje: 'Kijk! de Grote Beer!
En dáár, boven die schoorsteen, is de Pool.' -
Wat toen profetisch in je ontzetting school,
Zag ik ontvouwd: 't Hoe…
DE VIS
poëzie
3.8 met 22 stemmen
3.432 Ik wierp mijn hengel in het water.
De vis beet, en ik ving de vis.
Ik doodde de vis, ik kookte de vis,
Ik at de vis, de vis at mij.
De vis was giftig, ik moet sterven.
De vis groeit in mij, ik verminder.
Zijn bek bijt en zijn vinnen steken.
Ik ving de vis, de vis ving mij.
-------------------------------------
uit: Ruisende bamboe (1937)…
Februari
poëzie
4.3 met 3 stemmen
2.181 De dagen worden langer al,
Al is 't ook een klein beetje;
Maar, lieve vrindjes, weet-je,
Een beetje is meer als niemendal:
Elk beetje brengt ons voet voor voet
Weer 't lieve voorjaar tegemoet.
Komt, laat ons eens naar buiten gaan,
Naar 't bos en naar het veld;
Daar zien wij nergens bloemen staan,
Maar 't is er naar gesteld.
Die arme…
Winter
poëzie
2.8 met 10 stemmen
2.149 De fijne rijm bedekt nu boom en plant
En ’t stijf-gestolde water, spiegelglad,
Kaatst hel de zon terug van ’t glanzig pad,
De blanke sneeuw ligt blinkend op het land.
En aan de langzaam-glooiende oeverkant
Steekt nederig een klokje ’t groen blad
Naar boven, koest’rend zich in ’t zonnebad,
Een dun, groen lintje op hermelijnen rand.
De lucht…
Het Allerdroefste
poëzie
4.2 met 10 stemmen
2.232 O droef is elke erinnering
Aan hem, die jong ten grave ging,
Maar ’t allerdroefste dunkt mij dat:
Nooit heeft mijn lief mij liefgehad.
O, dat ik dááraan denken blijf!
Voor hem was ik een tijdverdrijf,
Wat hij voor mij was wist hij wel:
Hij was mijn hemel en mijn hel.
Kon ik maar wenen als weleer!
O God, ik heb geen tranen meer.
Kon ik…
JANUARI
poëzie
3.3 met 14 stemmen
2.150 Dik ligt de sneeuw in veld en woud
En 't Noorden huilt zijn somber lied:
't Is alles doods en vaal en koud
En levensteek'nen zijn er niet.
Geen levensteek'nen? Richt uw oog
Naar 't klein vertrek daar ginds, bestraald
Door zachte glans, die van omhoog
Rooskleurig door de venst'ren daalt.
Nieuwsgierig staat een kinderpaar…
Dodenklacht
poëzie
3.4 met 11 stemmen
3.363 Laat dicht de luiken; 't zonlicht dringe
Niet in deez' ruimten, waar geen morgen
Haar langer wacht.
Ga, laat m'alleen met mijne dode.
'k Wil mèt haar zijn in d'eerste wake
Van hare nacht.
Ik wil de teedre woorden spreken,
Die 'k nog voor haar in 't hart bewaarde;
'k Zei niet genoeg.
Ik wil haar dodensponde sieren
Met bloemen…
Aan een moeder (haar zoon viel op het slagveld)
poëzie
4.5 met 22 stemmen
4.910 Je hebt me gezegd: ‘Mijn zoon is gevallen, -
jij hebt hem niet gekend, zijn voorhoofd niet,
of zijn lippen niet
of zijn handen; geen van allen
die nu naast mij zijn, hebben hem gekend,
maar enkel wààr mijn zoon is gevallen, -
op het veld van eer.
Als ik stappen hoorde op de straat
zei ik: zo zal zijn heimkeer
zijn. Dat luisteren en verwachten…
Uitboezeming
poëzie
3.6 met 17 stemmen
3.899 - O kinderkens, wier lieve tred
Het hart ons in verukking zet,
Wanneer gij huppelt langs de vloer
En dwaalt als scheepjes zonder roer,
En, dartelend, zonder dat gij 't weet
Of wilt, op 't ouderlijk kleed
In onschuld treedt,
Wie weet,
Of ge eenmaal al te met,
O smart !
Uw voet niet zet
Op 't ouderhart!
-------------------------------…
Ik heb alleen de woorden, gij de geest
poëzie
3.4 met 11 stemmen
2.370 Ik heb alleen de woorden, gij de geest,
En zoveel als geest meerder is dan woord,
Is in dit werk meer dat aan u behoort
Dan aan uw dichter, die het schrijft en leest.
Gij gaaft mij goeds uit uwe geest en preest
Mij voor uzelve, bracht ik daarna voort
Uw goed in schoon verband van woord met woord,
Maar minder schoon dan 't in ú was geweest.…
Winter-stad
poëzie
3.7 met 23 stemmen
3.420 In het koele gouden bad
Van het fijne winterlicht
Rijst de grote mensenstad
Tot een droomvervlucht gezicht:
- Al de gangen, al de zalen
- Waar de ziel in droom mag dwalen.
Boven glansgewassen pleinen
Waar de stille mensen lopen,
Juichen klokken uit haar open
Torens zuiver door de reine
- Luchten naar verrukte dromer
- Al de hartstocht van…
De vergeefse proefneming
poëzie
3.0 met 21 stemmen
4.574 Laatst was ik bij mijn Fillis
Zij zat een wijl te peinzen,
maar in het einde vroeg zij:
'Weet gij wat een kusje is?'
Ik zei: "Mijn liefste meisje,
dit is te filosofisch.
Een kusje lat zich voelen,
doch laat zich niet beschrijven.
Misschien dat wij het wezen
als ook de aard der kusjes
door dadelijke proeven
wel min of meer ontdekten…
Een karretje op een zandweg reed
poëzie
4.2 met 100 stemmen
13.761 Een karretje op een zandweg reed;
De maan scheen helder, de weg was breed,
Het paardje liep met lusten;
('k Wed, dat het zelf zijn weg wel vindt:)
De voerman lei te rusten...
Ik wens je wèl-thuis, me-vrind!
Een karretje reed langs Berg en Dal;
De nacht was donker, de weg was smal,
Het paard liep als met vleugels;
(De sneeuwjacht…
Hij ligt er nog, de steen
poëzie
3.7 met 12 stemmen
2.137 Hij ligt er nog, de steen: een jaar geleden
Heb 'k zelf hem daar gelegd; en ik herken
Heel goed de plek, vlak naast die scheve den,
Waar 't zandpad, wit, loopt naar de hei beneden.
'K dacht vaag: Wat 'k doe, lijkt op wat Pharao's deden;
Eenzelfde ontzetting vroeg in mij en hen:
Alles vergaat: ben ik niet, die ik ben,
En was en blijven…
Nachtbloesems VIII
poëzie
3.8 met 17 stemmen
4.525 O, sluimer zacht!
't is al zo kalm:
Geen vogelengalm
Verstoort de nacht:
O, sluimer zacht!
Alleenlijk trilt
Mijn minnezange;
Die smacht en smilt
Van zoet verlangen,
Nu woest en wild,
Dan bevend-bange
In de avondstilt
Maar, laas, niet acht ge,
Ai, waarom niet?
Mijn zielsverdriet;
En spotziek lacht ge,
Went 't zangzoet lied
Der luite…
En toch zal ’t lente worden
poëzie
3.1 met 11 stemmen
2.221 Wat zingt het hupplend koninkske
In onze doornenhaag? –
Het heeft zo fel gesneeuwd vandaag,
En toch zal ’t lente worden!
De takken missen blad en bloem:
Daar tussen fluit de wind;
Doch immer zingt het welgezind:
En toch zal ’t lente worden!
Al zijn de velden doods en stil,
Ik blijve welgemoed,
En roep gelijk de vogel doet:
En toch zal…
Al troont geleerde hand, met vingren wis en snel
poëzie
3.9 met 11 stemmen
4.624 Al troont geleerde hand, met vingren wis en snel,
Vloeizoete wijzen uit het zangrig snarenspel;
Al lokt uw sneêge zang, met strelend lief geluid,
De vlotte ziele tot het zwijmend lichaam uit:
In strikjes van uw haar mijn geest niet is verward.
Uw blinkend aangezicht sticht mij geen brand in 't hart.
Van 't schittren uwes oogs en word ik niet…
HET JONGSTE ZUSJE
poëzie
3.6 met 25 stemmen
5.014 'k Heb een zusje,
Die 'k een kusje
Ieder ochtend lustig bied.
'k Lach haar tegen;
't Lacht, gelegen
In haar wiegje, als zij me ziet.
Hoe lieftallig,
Hoe bevallig
Is mijn zusjes aangezicht!
't Geestig liefje,
't Hartediefje,
Lacht als zij te slapen ligt.
Als eens 't kindje,
't Zoete vrindje,
Niet meer zit op moeders…
HOOGSTE LIEFDE
poëzie
2.5 met 235 stemmen
64.099 Heet mij niet vals en trouweloos
Wanneer mijn arm, verdolend hart,
Van zorgen moe en blind van smart,
Een waanbeeld voor uw waarheid koos.
Ik heb u lief, nu en altoos,
En of mijn droef en moede hart
Bij andren rust of eenzaam mart
Om u: gij zijt mijn liefde, altoos.
En zagen…
BENOORDEN DE MOERDIJK
poëzie
4.0 met 1 stemmen
1.444 Benoorden de Moerdijk
Daar kan men niet bewonderen,
Daar trapt men de dichter, daar hoont men de held.
Benoorden de Moerdijk
Daar zitten de tobbers, al welgesteld,
In tuin en kantoor zich af te zonderen,
En tellen geld.
Benoorden de Moerdijk
Daar wonen de sufste rijken,
Ze noemen zich vrij of roemen zich vroom.
Benoorden de Moerdijk
Daar…
Door ongebaande sneeuw te gaan
poëzie
4.0 met 3 stemmen
3.758 Door ongebaan-
de sneeuw te gaan,
Hoe lustig is ’t,
hoe leutig!
-------------------------------------------
uit: XXXIII Kleengedichtjes (1860)…
Kraaien
poëzie
4.5 met 2 stemmen
2.082 Heisa! de kraaien in de winter-takken!
Nog trillert echo van hun schrille snaters:
Wat zitten ze daar stil, die donkre saters,
Die sombre spotters in hun zwarte pakken.
Zie, hoe bedaard die straks nog schelle praters
Lijk kleine klompjes tegen 't luchtgrijs plakken.
Heisa! daar gaan ze weer: de twijgen krakken!
De dag barst open van hun rauwe…
Op uw gunst wil ik niet meer wachten
poëzie
4.0 met 3 stemmen
1.676 Op uw gunst wil ik niet meer wachten,
Nu in alle ernst, adieu! vaarwel!
Want nieuwe vreugden, nieuwe prachten,
Komen bij mij nu alleen in tel.
Ik zal, ik moet, ik wil ontvangen,
Al het nieuwe dat tot mij komt,
En door mijn lieve en zoete zangen
Wordt alles blij verwellekomd.
Ik neem aan wat zij mij bieden,
Juwelen of enig ander ding,…
De winter is nu eindelijk gekomen
poëzie
3.4 met 10 stemmen
1.732 De winter is nu eindelijk gekomen,
En beemd’ en woud zijn wit van sneeuw en rijp,
Bevroren zijn de vlieten en de stromen,
Verdord is al wat vruchtbaar was en rijp.
Een loden hemel drukt thans op het land,
Nu sluimert Moeder Aarde haar lichte sluimer,
Dra komt de tijd waarin de zon weer brandt,
De dagen lengen, ook het zicht wordt ruimer.…
DE WIJZEN
poëzie
3.4 met 5 stemmen
2.120 Zij zagen blank een wonderster verrijzen.
Die ster te volgen dreef hun zieledrang.
Door woestenij geen dooltocht zwaar en bang:
Trouw blonk de ster en bleef hen wijzen.
Plots in den hoge hoorden ze engelzang –
Een arme grot was 't einddoel van hun reizen.
De kemels knielden. En de grote wijzen
Aanschouwden 't kind, geprofeteerd zó lang.…
Wonderlijk
poëzie
4.0 met 5 stemmen
2.506 Wonderlijk is 't in 't holle van de nacht,
Plotsling te denken aan zoveel beminden;
Als in de duistre wereld van de winden,
't Zwalpe element ligt met gebonden kracht.
Dan komt zich al wat ver is weer laten vinden:
De handen, de gelaten der beminden,
Als in een gloed van lage kaarsen, zacht.
Smartlijke vreugd te sturen naar die schijnen.…
De onbekende vrouw
poëzie
4.1 met 7 stemmen
4.624 Een mooie vrouw is langs me heen gegaan;
Heel even bleef zij staan
En keek mij aan;
Toen is zij weer haar gang gegaan.
Was zij blond
Of was zij zwart?
Ik weet niet meer.
Alleen heeft zij me 't hart
In de fluwelen avondstond
Oneindiglik gewond;
En 't doet me nu zó zeer,
Dat ik lauwe tranen weende,
Langswaar zij henen ging,…
HET ZIEKE KNAAPJE
poëzie
3.5 met 15 stemmen
2.916 Eens woonde er in een nauwe straat
Een knaapje, zwak en teer:
Hij lag er met verbleekt gelaat
Op 't eenzaam ziekbed neer.
Hij lag er sedert jaar en dag,
Waarin hij zon- noch maanlicht zag;
En toch, bij al zijn zielsverdriet,
Hij klaagde of morde niet.
Maar eindlijk, op een zomernacht,
Sloot hij de handjes saam',
En fluisterde…