inloggen
voeg je poëzie toe

Poëzie van Emanuel Hiel

1834 - 1899

50 resultaten.

De werkman

poëzie
3.0 met 1 stemmen aantal keer bekeken 1.045
Door hageljacht en wind, In de overgrote stad, Een lieflik bedelkind, Zong, 't oog van tranen nat... Haar lied voor 't beetje brood, Drong dwars door been en merg: Wie helpt haar uit de nood? Het is te zwak voor 't werk! Een rijke loopt voorbij, Misschien vol medelij? Een volksstroom rolt voorbij, Gevoelloos als de tij! Geen herte wordt…

Levenslust

poëzie
4.0 met 2 stemmen aantal keer bekeken 946
Men staakt het sombre treuren, wanneer de lente zingt, en als met ‘t bloemengeuren, de hoop in ‘t harte dringt. Naar ‘t dorpke trekt de jongen zo fris, zo welgezind; daar komt hem toegesprongen een blozend boerenkind. Ter stede komt het meisje, zij zoekt haar huisgerief; maar vindt ook menig meisje een flinke hartendief. Zo toont…

Bruisend zwalpt

poëzie
4.2 met 4 stemmen aantal keer bekeken 897
Bruisend zwalpt me over 't hoofd ene zee; Wervelwind warrelt woest, rukt me mee... En de sterren verzwinden, verslinden elkander. Gans in gloed staat 't heelal, Doodsgebrul, angstgeschal, Klinkt overal! De zon alleen, die hemelsalamander Vonkelt tevreên op mijn vreeslijke val. Uilgekras, slanggesis mij begroet, 't Spuwt naar mij, al wat…

Licht liedeke

poëzie
3.0 met 1 stemmen aantal keer bekeken 1.130
Ik vraag de grijze nevel niet, en zing ik vaak een treurig lied, toch vraag ik, dat de zonnegloed bezielend iedereen begroet en alle droefheid henenjaag. Ik vraag niet aan de duistre nacht, de demping aller vreugde en kracht; ik vraag het licht en altijd 't licht opdat in ieders aangezicht de waarheid in heur schoonheid schijn'. Zo zwart…
Emanuel Hiel14 december 2012Lees meer >

Ze bloeide als bloem

poëzie
2.7 met 11 stemmen aantal keer bekeken 1.167
Ze bloeide als bloem in ‘t wereldruim; Ze kon aan elk behagen. Thans is zij, als een vlokje schuim, Door winden weggedragen. Ik heb haar menigmaal gekust, Dat gloeide hare wangen! Die zielengloed is uitgeblust, Gelijk een doods verlangen. Is ‘t vurig oog als in de nacht Voor eeuwig uitgeblonken, Toch ligt ze diep in mijn gedacht, Als…
Emanuel Hiel27 november 2011Lees meer >

Wantje en Karel

poëzie
2.5 met 4 stemmen aantal keer bekeken 1.569
Wantje was een rappe meid, Blank en mals van koon; Al de jongens uit de buurt Vonden Wantje schoon. De een vlocht haar een bloemenkrans, De andre schonk haar fruit; Men verzocht ze tot de dans: Wantje lachte ze uit. Karel was een flinkse maat, Struis en bruin van vel; Al de meiskens uit de buurt Vonden Karel wel. Ze belonkten hem…
Emanuel Hiel20 november 2010Lees meer >

Geloof hem niet

poëzie
3.4 met 5 stemmen aantal keer bekeken 1.537
Een jongeling, voor mij in 't stof gebogen, Sprak: ‘Ik bemin; O lieve maagd, nooit heeft mijn mond gelogen, Wees mijn vriendin! O weiger niet uw liefde mij te schenken, Word mijne vrouw; Ik zweer het u, 'k zal nooit mijn minne krenken. 'k Blijf u getrouw, O ja, 'k blijf u getrouw!’ Zijn lief gelaat en minnelijke lonken Bekoorden…

Hoort gij het heldere fluiten der vinken?

poëzie
3.2 met 6 stemmen aantal keer bekeken 1.473
Hoort gij het heldere fluiten der vinken? gadekens winken hun zacht en zoet; ’t jonge gebroedje begint, om te paren, ’t liefdeverklaren, want minnegloed glimt in hun gemoed. Noem me niet koekoek, o lustige vrinden, haast zult ge vinden een lieflijk kind; haast zult ge heimlijk aan hoeken en straten fluistren…

Naar buiten gauw, om bloemen in te gâren

poëzie
3.6 met 5 stemmen aantal keer bekeken 1.293
‘Naar buiten gauw, om bloemen in te gâren, Naar buiten!... hoor de winden somber jagen. 't Is winter, ach! waar zijt gij heengevaren, Of frisse geuren, schone zonnedagen? De min verjongt mijn hart; ik, arme dromer, 'k Meende t'allen kant de jeugd te vinden, En juichte: hé, naar buiten, lief! 't is zomer En alle mensen zijn mijn goede…

Hoe zachtjes wiegt

poëzie
3.6 met 5 stemmen aantal keer bekeken 1.454
Hoe zachtjes wiegt mij in zijn armen De sterrenrijke zomernacht; Zij die het lot mij heeft gebracht, Heeft als de nacht met mij erbarmen. Ze noopt mij aan haar hart te rusten, Het hart, dat mij zo vurig mint, Terwijl haar wezen glimt van lusten Als ‘t sterrenlicht zo puur en blind. Zij heeft me nog van niets gesproken. Klaar lacht me toe…
Meer laden...