inloggen
voeg je poezie toe dichtwoordenboek

tabblad: poezie

< vorige | alles | volgende >

poezie (nr. 4707):

Op een zeker mutsenmaakstertje

Ik zag een meisje mutsjes maken:
Zij hield, op hare malse schoot,
Een mutsenbol, zo zwaar als lood,
Mismaakt van mond en neus en kaken,
Een kunsteloze beeldtenis,
Gelijk dat goedje doorgaans is.
Zij kneep en plooide dus haar mutsje,
En, onder 't plooien, schonk ze mij
Een vriendlijk lonkje van terzij,
Dat straks gevolgd werd van een kusje;
Ik lach met haar, ik zoen, ik sol,
En, zo toevallig, onder 't mallen,
Doe ik haar van haar stoeltje vallen,
En zet haar mutsje op mijn bol.

Aan de tedere kunne

Schrijver: Pieter Boddaert
Inzender: Redactie, 24 Feb. 2017


Geplaatst in de categorie: humor

4.0 met 1 stemmen 661



Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)