140 resultaten.
Gebrek
poëzie
3.2 met 31 stemmen
3.714 ’t Is wederzijds gelijk gebrek,
Half wijs te wezen of half gek.…
Bij het beekje
poëzie
3.2 met 17 stemmen
2.644 Terwijl ik staar in ’t spiegelglad
Van ’t zilvren nat,
Schud ik mijn hoofd; wie ben ik?
Ja, hoge Hemel: Hoe, wie, wat?
Wat wil, wat weet, wat ken ik?
Zie hoe hij lacht – die dwaas, die guit,
Die lelijkerd in ’t water:
Mijn help! mij-zelven lach ik uit
Met wonderlijk geschater.
O mensenhart, o mensenhart,
Verschrikt, verward…
Staaltjes van IJdelheid
poëzie
3.8 met 10 stemmen
2.889 Nos poma natamus
Zo hopen dwaze paardenvijgen,
Die, daar ze in 't stinkend stalvocht staan,
In hun vermeet'le drekhoop-waan
Hun afkomst onbeschaamd verzwijgen
En zweren dat ze uit zwemmen gaan,
Door al dat graad'loos bluffen slaan
Tot hoger glorie nog te stijgen,
Een eretitel te verkijgen,
En, recht met 's Landsheers bruiloft…
MIJN HERT IS ALS EEN BLOMGEWAS
poëzie
3.6 met 28 stemmen
4.374 Mijn hert is als een blomgewas,
dat, opgaande of toegeloken,
de stralen van de zonne vangt,
of kwijnt en pijnt en hangt gebroken!
Mijn hert gelijkt het jeugdig groen,
dat asemt in de dauw des morgens;
maar zwakt, des avonds, moe geleefd,
vol stof, vol weemoeds en vol zorgens!
Mijn hert is als een vrucht, die wast
en rijp wordt, in de schauw…
WILG en POPEL
poëzie
3.4 met 14 stemmen
2.507 Meen niet, dat éne deugd voor allen past! -
De popel streeft omhoog met trots verachten
Der aarde, en 't harte popelt haar van smachten
Naar 't blauw des hemels, waar de vrede wast;
De treurwilg nijgt èn loot èn lover-last,
Die 't water zoeken met een hoopvol trachten,
En lijdzaam op de blijde stonde wachten,
Dat zij door golfjes worden…
Flink
poëzie
3.1 met 24 stemmen
3.801 Ja als 't niet kan, dan kan het niet!
Zo hoor ik alle dagen
Van flauwerds en van tragen
Maar ik, ik haat dat laffe lied:
En zo mij God de kracht wil gunnen
Dan zeg ik wat er ook geschiedt:
't Moet kunnen!
Komt haal de handen uit de zak!
En steek die uit de mouwen.
Gij mannen en gij vrouwen!
Staat af van lust en van gemak!
En valt er soms…
Men zegt...
poëzie
3.6 met 20 stemmen
4.278 Men zegt de Absolute liefde
Kan niet bestaan in een Mens.
Maar mijn Liefde voor U, Geliefde
Geest der Mensheid, is zonder grens.…
Psychologieën I
poëzie
3.5 met 18 stemmen
2.682 I
Een koud vermoeden rilt mij door het brein:
Ik zie mijzelf en weet thans wie ik ben: -
Ik ben Erinn'ring van veel boeken, en
Een Macht, waarmee 'k mijzelf en al mijn zijn,
Gedachte en daad, gelijk maak aan de schijn,
Die 'k daarin schoonst vond: - onbewust gewen
Ik me aan dat ál-artiest zijn; - soms zelfs ken
'k Mijn schijn, die groot…
Antwoord
poëzie
2.8 met 14 stemmen
4.301 Ach kind: waarheid en leugen
Zijn altijd wat verward,
Want geen van beide deugen
Ze alleen voor 'n mensenhart.
Weef tusse' uw hart en 't leven
Het kleed van schone schijn -
De bloemen daar geweven
Zullen de ware zijn.
Als andren ze anders noemen
Hebben zij ook gelijk -
Het zijn nu eenmaal bloemen
En leugens tegelijk.
Wat deert…
ERNST
poëzie
3.8 met 17 stemmen
5.568 De toon van echte ernst is waardig, kalm en zacht;
Niet hartontzettend zwaar, noch pijnlijk scherp in de oren.
Een middentoon, welluidend uitgebracht;
Men kan er ’t hart, waaruit hij komt, in horen.
Dat is zijn schoonheid en zijn kracht.…
Een oude Vrijer, zoals er velen zijn.
poëzie
3.4 met 7 stemmen
2.251 Een beste vent, een trouwe borst,
Een zonnestraal in ’t leven;
Een zorg, die duizend lasten torst
Voor nichtjes en voor neven.
Een bronwel van meedeelzaamheid,
Een ziel vol zelfverneering;
Een raadsman, die naar beter leidt;
Een leven vol ontbering.
Een plooier, die de rust bemint;
Een denker bij het lezen;
Een voorbestemde voogd en vrind…
DROMEN
poëzie
3.5 met 15 stemmen
4.374 Twee werre-werelden bewoon ik overhands:
Een die 't volkomen is, een andere bijkans.
's Daags vind ik mij in d' een, 's nachts dunk ik mij in d'ander.
In arbeid en in ernst gelijken zij malkander.
Dit scheelt het: deze zie 'k, die dróóm ik dat ik zie,
Of is deez' mogelijk zo wel een droom als die?…
’T IS KUNST TE LEVEN
poëzie
3.7 met 25 stemmen
9.842 Zie, hoe de wereld gaat: waar twee gezellen vissen:
Heeft dikmaal een het nut, en d’ander moet het missen:
Een lacht er in de vuist, gans blijde met de vang,
En d’ander schreit er om, en jammert uren lang;
Daar is een zeker greep om dit en gint te raken,
Niet ieder is bekwaam tot allerhande zaken;
Wat dezen heeft verrijkt, heeft genen uitgeput…
Gij zult uwe gaven ontginnen
poëzie
2.9 met 11 stemmen
3.375 Ken uwe rijkdom en rang, zoek gestadig uw zuiverste gaven,
Hun sluimer wacht in uw ziel - geen ander die ze u zegt;
Plunder uw hart tot de bodem en peil naar de diepste juwelen:
wie de eigen schatten verzaakt, zijn ook de sterren ontzegd!…
DE AREND
poëzie
3.9 met 7 stemmen
2.846 De koninklike Vogel op
der rotsen top gezeten
heeft groots en kalm de zon bezien
en d'hemelen gemeten.
Maar sluikend en venijnig komt
de onedele Slang gekropen
en spiedt. En op de ogenblik
dat hij de vlerk wijd open
zijn vlucht reedt naar zijn koninkrijk
in 't glanzend zonneschingen,
gelijk een vere prangen hem…
Ik zong zo menig minnelied
poëzie
3.0 met 9 stemmen
1.747 Ik zong zo menig minnelied!
Dan zag ik naar de mensen niet…
Want toen ik henwaarts heb gekeken,
Verstomde ’t lied voor hunne valse streken.
De daad voor ieder schoon gedacht,
Daar heb ik altijd naar getracht;
Maar toen ’t gedacht begon te schijnen,
Moest het weldra voor dom geweld verdwijnen.
Een eedle ziel in elke borst,
En troost aan…
Door 't Kreupelbos
poëzie
3.5 met 12 stemmen
2.463 Wie in zijn jeugd op gladde baan
Te lang aan moeders handje stapt:
Geen strobreed hoeft ter zij te gaan,
Of op een steentje trapt,
Wijl hij zich nimmer voorwaarts waagt,
Eer 't pad voor hem is schoon gevaagd -
Hij heeft het zeker kalm en goed,
Maar blijft, bij 't minst verlet, een bloed.
Maar hij, die vroeg reeds heeft geleerd
Zich…
HOVAARDIJ
poëzie
3.9 met 7 stemmen
3.123 Wie zich hovaardig op zijn schat toont, wordt belacht;
Wie ’t op geleerdheid doet, verdient ons mededogen;
Wie op zijn rag of staat zich trots toont, wordt veracht;
Wie ’t op zijn kunst doet, is bespottelijk in elks ogen;
Maar, geestelijke hovaardij
Is de onverdraaglijkste en streeft alle waan voorbij.…
Aan een vriend
poëzie
3.6 met 14 stemmen
3.607 Geheugt het u hoe we eens in vroeger dagen
Met lichte voet, vriend lief, en hand aan hand,
De doffe stad verlieten om op ’t land
Langs de oosterkim de morgen zien te dragen?
Geheugt het u dat wij dan ’t leven zagen
Als ’t lieve veld met bloemen rijk beplant,
Bij zonnegloed bestraald en niet verbrand,
Van regen fris en niet van onweersvlagen…
Het geduld
poëzie
3.0 met 55 stemmen
19.666 Geduld is zulk een schone zaak,
Om in een moeielijke taak
Zijn doelwit uit te voeren;
Dit zag ik laatst in onze kat,
Die uren lang gedoken zat,
Om op een rat te loeren.
Zij ging niet heen voor zij de rat,
Gevangen, in haar klauwen had.…
Bij een beekje
poëzie
3.6 met 11 stemmen
1.845 Terwijl ik staar in ’t spiegelglad
Van ’t zilvren nat,
schud ik mijn hoofd; wie ben ik?
Ja, hoge Hemel: Hoe, wie, wat?
Wat wil, wat weet, wat ken ik?
Zie hoe hij lacht – die dwaas, die guit,
Die lelijkerd in ’t water:
Mijn help! mij–zelve lach ik uit
Met wonderlijk geschater.
O mensenhart, o mensenhart,
Verschrikt, verward,
Vol zonden,…
TACTIEK
poëzie
3.8 met 12 stemmen
3.668 Waar ik ’t niet winnen kan, en niet verliezen mag,
Al pruttelt die mij volgt, daar lever ik geen slag.…
En ik zong bij mij zelve:
poëzie
2.9 met 11 stemmen
3.250 Zonde en schuld bestaan niet,
Elk ding is schuldeloos.
Begrip en Liefde
Komen uit
De Gelijkheid van het Heelal.
Zij stijgen dus samen,
De een door de ander,
Hoger en hoger.
Zij stijgen nu
Tot hogere hoogte
Dan zij ooit waren.
Zij stijgen nu tot absolute liefde.…
Ik ben de zoeker
poëzie
3.4 met 22 stemmen
6.793 Ik ben de zoeker naar het Nooit-Behaalde.
Ik ben de Strever naar het Ware Zijn,
Ik ben de dronkene van `s Levens wijn,
Die wonderlijk-krachtig mijn spieren staalde
Wen ik, als onverschrokken duiker, daalde
Tot in de krochten van het Diepste Zijn,
Waar ik dan uit meebracht een luttel grein
Waarheid, die klaar gelijk juwelen, straalde :
Laat…
De knotwilg
poëzie
4.5 met 2 stemmen
3.566 Wie 's levens moker maar getroost laat beuken,
doch in zich 't beeld bewaart, dat eens hem blonk,
die voelt wel eindlijk in zijn oude tronk
een vastheid groeien, die geen lot kan deuken.
Al staat hij krom en armelijk ontwricht
ergens alleen, ver van de blanke vlieten,
door iedre nieuwe lent gedreven schieten
lenige twijgjes naar het…
Het zonnespectrum
poëzie
3.7 met 10 stemmen
4.832 Ik hield een prisma in de hand
En wierp een schijnsel op de wand,
Dat, schoon het zonlicht, doorgaans wit,
Uit zijne aard geen kleur bezit,
Zo velerhande kleuren droeg,
Dat ik mijzelve, peinzend, vroeg,
Hoe toch dit klaar, doorschijnend glas,
Dat zelf volkomen kleurloos was,
Al deze kleuren scheppen kon
En halen uit het licht der zon.
Het…
Gij dichter...
poëzie
2.2 met 4 stemmen
2.125 Gij dichter, die uw gangen gaat
langs 't druk gewoel des levens
als u de smaad in 't aanzicht slaat
van vriend en vijand tevens,
leg nooit de fiere vrije kop
en laat u nooit verlammen,
al dagen zij zo talrijk op
met honende epigrammen.
Want wie u tergend smaadt en slaat,
omwroetend in uw wonden,
werd vaak vol valsheid en verraad…
Staren door het raam
poëzie
3.4 met 20 stemmen
3.331 Er is een leven in wat bewegen,
de takken beven een beetje tegen
elkaar. Een even beginnen schudt
elke boom: een bezinnen dit,
een schemeren gevend van eerste denken,
met lome vingers gaan zij wenken
wenken, wenken, brengen uit
een vrezend menen nauw geuit.
En lichte dingen, herinneringen
lispelen zij, vertrouwelingen,
zouden wel willen…
Het vaderland was destijds een moeras
poëzie
3.0 met 5 stemmen
1.647 Het vaderland was destijds een moeras,
Aanslibbing van de zee en van rivieren,
Bevolkt door vissers, jagers, Batavieren,
Wier leven al te gader ruwheid was.
De Batavieren waren opperdieren,
Zij stamden uit een sterk en blond oerras,
Hoe vaak reeds draait onze aarde om zon en as,
Voordat de bloemen der beschaving tieren?
Wij allen stammen…
Ik weet, ik word naar ’s afgronds rand
poëzie
2.7 met 15 stemmen
2.834 Ik weet, ik word naar ’s afgronds rand
Door duist’re geesten voortgedreven,
En schaduwen des Doods omgeven
En lokken me aan van alle kant.
Ik weet het leven in ’t voorverleên
Is eerder sterven mij dan leven,
Is ’t wederzien van toverdreven,
Die ‘k nimmer weder mag betreên.
En toch, weerhoud de vloed om weer
En telkens weer naar ’t strand…