inloggen
voeg je poezie toe dichtwoordenboek

tabblad: poezie

< vorige | alles | volgende >

poezie (nr. 4612):

Wit hing en stil...

Wit hing en stil de dauw over de weiden. –
Onwereldlijk, onwezenlijk, een schim,
Stond, hoog, in ’t west wit licht boven de kim. –
Niets werk’lijks was er meer, niets dan wij beiden.

En op die heuvel, op die bank van ons,
Boven de dauw, zaten we als op een eiland;
En ’t wit doorschijnend licht, het witte weiland
Leek stilte; en de stilte was als dons.

Boven de wereld zaten we; en we schrokken,
Als om ons in besliste vaart een tor
Een kromme draad trok van donker gesnor,
Wegbuigend in dempende nevelvlokken.

Jouw haar, rood in de schem’ring, aaide ik glad:
Mijn ziel was in mijn lippen en mijn handen,
En deed mijn handen en mijn lippen branden
Op jou, die ik het diepst heb liefgehad.

Schrijver: J.A. dèr Mouw
Inzender: adm, 24 mei. 2018


Geplaatst in de categorie: natuur

4,1 met 14 stemmen 2.200



Er is 1 reactie op deze inzending:

Naam:Tessa van der Meer
Datum: 4 okt. 2020
Bericht:Hallo,
Ik vind dit een erg mooi gedicht, maar kom er niet uit wat J.A. dèr Mouw bedoelt in de derde strofe. Heeft iemand enig idee wat hij bedoelt met 'we schrokken als om besliste vaart een tor een kromme draad trok van donker gesnor'?
Het zou mij erg helpen!
Tessa


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)