inloggen
voeg je poëzie toe

Poëzie

1868 - 1922

poëzie (nr. 4.763):

Zomermorgen

rondeel

Aanstonds, toen ik wakker werd,
Scheen de zon mij in de ruiten
En de vogeltjes daarbuiten,
Van nabij en in de vert,

Sloegen, 't bekje opgesperd,
Aan het zingen en het fluiten,
- Aanstonds, toen ik wakker werd -
Dat de englen met hun luiten

Niet zo vrij en onbenerd,
- Als de doden 't oog ontsluiten -
Hunne vreugde kunnen uiten
In het hemelse concert,
Als de vogeltjes daarbuiten
Aanstonds, toen ik wakker werd.

-----------------------------------
uit: Laatste verzen (1923)

onbenerd - onbevreesd

Schrijver: Jacqueline van der Waals
Inzender: Redactie, 13 augustus 2024


Geplaatst in de categorie: dieren

3.4 met 18 stemmen aantal keer bekeken 3.792

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!

reageer Geef je reactie op deze inzending: