God rolt de zonnen door zijn handen…
poëzie
4.2 met 6 stemmen
1.441 God rolt de zonnen door zijn handen
zoals de boer het zaad.
De ruimte kent geen randen
en eindloos staat
de sterrentuin te branden.
Als dauwdrop aan der aarde bloeme’
weerspiegel ik het al.
Ik hoor de sferen zoemen
Gans 't sterrendal
probeert Uw naam te noemen.
't Geheim blijft tot de nacht behoren,
waarin ik ben ontstaan,
tot, opgeslorpt…
Beschenen stadje.
poëzie
4.0 met 1 stemmen
831 Het stadje op het verre veld
beneden ons, in mist verscholen,
heft zijne toren, half verholen,
in 't licht dat met de mist versmelt
en door de gouden schemer snelt
het vlottend schaduwig geweld
der vlugge wieken van de molen.
De hemel, wolkeloos, omvat
de prille tere zuiverheden
van licht en lucht te saamgegleden.
- De stille…
NACHT
poëzie
4.0 met 1 stemmen
1.854 Muisstil daalt de nacht op aarde
dooft elk al te scherp geluid.
Vlakt de lijnen, diept de schaduw,
veegt de verven alle uit.
Schikt de sterren aan de hemel
tot geen donker plekje rest,
Laat een schemering op het water
en een glans in 't verre West.
Dan rust ze uit en mijmert stille,
zalig in haar zachte glans
En hoe stiller 't wordt,…
VERSCHIET
poëzie
4.5 met 2 stemmen
814 Grijze torens
staan als horens
van de neergevleide stad,
en ik peize
welke wijze
ritselt in het popelblad.
‘k Wou wel gâren
op mijn snaren
wat daar doemt uit nevelrag,
en te noene
boven ’t groen
zingzoemt in de zomerdag.…
Moed
poëzie
5.0 met 1 stemmen
8.315 O, laat mij gaan, waar gindse duinen rusten,
waar koele westenwind nauw ademhaalt
en matte herfstzon zilvertintig straalt
en vrede murmelt aan de kalme kusten!
Hoe laaft mijn lijf, o eeuwig onbewuste,
zich aan de wind, die van uw kruinen daalt,
en vallend lover lispelt en herhaalt,
dat eenmaal rusten mag, die nooit mocht rusten.
Want achter…
Merellied
poëzie
3.7 met 7 stemmen
3.725 Reeds is de zon in purperbrons gezonken
en sleept na zich een laan van gloed,
die 't landschap verwt in kleurenpracht en 't haantje
van de toren fonklen doet....
Daarna, in 't nakend, fluistrend avondslomen,
gewiegd door 't ruisen van het riet,
weerklinkt uit malse, volle merelborste,
het malse, volle merellied:
het gallemt in de…
Overwerk
poëzie
4.5 met 2 stemmen
1.004 In het bleke ochtendgloren
Stapelt Dora nachtclubstoelen,
Want dat doet ze van tevoren
Omdat ze de vloer moet spoelen.
Zo maar schrobben is zo zonde;
Even doet ze snel de ronde
Om vooral de driekwart peuken
Voor het knechie in de keuken
En de bandjes van sigaren
Voor haar nichie te bewaren;
En vergetene corsasies
Zet ze thuis…
Annabel
poëzie
5.0 met 4 stemmen
2.383 Mijn kleine, kleine Annabel
zij zong zo zuiver en zo schel
als fluiten op een glansrivier,
zij was geluk en leefde hier
mijn kleine, kleine Annabel
ik wist uw prille leden wel,
de trilling van die bloemenmond
wanneer een hand uw haren vond
mijn kleine, kleine Annabel
de geest is lang, maar wij gaan snel:
op 't koude laken ligt uw lijf…
De buit
poëzie
4.0 met 1 stemmen
958 De minste onder vele broedren,
Ten vleugle van het heir, alleen,
Heb, onder ’t hete middagbranden,
Ook ík mijn strijd gestreên!
Niet tot victorie! Neergeslagen
Lang voor het einde van de dag,
Heb ik alleenlijk weggedragen
Uit deze slag
(O, schaamtevol verborgen onder
’t Gewaad van die genezen schijnt)
Een ongeneeslijke…
MEI
poëzie
4.0 met 2 stemmen
812 't Luchtwindje waait langs paarse Mei-seringen,
Langs wilde roos en geurige jasmijn:
En over alles speelt de zonneschijn;
Uit windselen komen knop en bladeren dringen.
Dauw, bloemen, jeugd en tranen zijn de dingen,
Waardoor men lijdt, maar zonder hartenpijn;
Omdat in elk een jeugdig vogelijn,
Van 't voorjaar af tot 's winters, zit te zingen…
Op ons Weeshuis
poëzie
3.7 met 3 stemmen
1.568 Hier treurt het Weeskind met geduld,
Dat arm, is zonder zijne schuld,
En in zijn armoe moet vergaan,
Indien gij 't weigert bij te staan.
Zo gij gezegend zijt van God,
Vertroost ons uit uw overschot.…
HET LICHT.
poëzie
4.0 met 2 stemmen
1.023 Wij zaten aan het kalme plein,
voor 't open venster van ons klein
vertrek, de avond te beschouwen.
Wij zagen hoe de hemel, bleek
en ver, over de gevels week
van de ons omringende gebouwen.
De gave stammen, vast en rond,
van olmen stegen uit de grond
en hoog, om de verspreide kronen,
zagen wij voorjaarsvogels al
de uitgebreide schemerhal…
Het vlas staat in de blom.
poëzie
5.0 met 4 stemmen
926 Het vlas staat in de blom,
Al groen en blauwig;
En 't windje vliegt er om
Zo vleiend lauwig.
De herels rechten flinks
Hun tere topkens,
En keren, rechts en links,
Hun kleene kopkens.
Hoe zot en preuts ze zijn,
Elk met zijn vaantje
Van hemelblauw satijn
Op 't groene staantje!
Hier beet een bruine bie;
En ginder…
Brand los, mijn hert
poëzie
3.7 met 7 stemmen
2.030 Brand los, mijn hert, van al dat uw
gevlerkte vlucht ombindt;
brand los van kot en ketens, nu
de wenende oge ontblind;
brand los, mijn hert, 't is nu, 't is nu
dat de hemelvaart begint!…
Sint Jan
poëzie
1.9 met 20 stemmen
2.164 Nu is de nacht alleen een waas van dauw
Dat strelend op de warme weiden daalt
En vóór ’t opaal vervloeit in donkerblauw
Teerrood alrêe de morgenschemer straalt,
Het zijn de lichte nachten van Sint Jan.
Zwaar wolkt een geur van rozen door het woud,
Daar is geen vogel, die nu slapen kan,
Geen bloem, die niet haar kelke openvouwt.
Stil-stralend…
Stervend meisje
poëzie
4.2 met 4 stemmen
840 Kind van wonden,
Dat één stonde
Nog als bleke sterre beeft,
Voor wier luister
's Werelds duister
Gene nacht meer olie heeft;
Kind van vrezen,
Teder wezen,
Kind van louter liefde en leed,
Wier geflonker
Uit het donker
In dit droeve dagen gleed;
Kind van zorgen,
Met de morgen
Van uw leven 't leven moe,
Gaan…
De voortreffelijkheid der mensheid.
poëzie
4.0 met 2 stemmen
1.088 De Vleizucht moog een lofzang zingen,
Als Heerszucht mensenbloed vergiet,
Om volken door haar wenk te dwingen;
Zij schat, onsterflijk mens! zij kent uw grootheid niet.
Geen troon verheft, geen stulp vernedert;
Het goud versmelt, en de eer is schijn;
Maar 't hart, door eedler smaak vertederd,
Zingt vrolijk; ‘'t Is voor mij genoeg…
't Rozeneiland
poëzie
5.0 met 1 stemmen
772 't Rozeneiland Cyprus betrad een zeeman;
tempelwaarts eerbiedig zijn schreên hij richtte,
tot hij kwam, waar spieglen in groene golven
marmeren zuilen:
'Priesters, op! brand 't geurigst, het kostelijkst wierook,
stijg' zijn damp naar 't dak van deez' heil'ge tempel,
pleng op 't altaar purperen wijn en helder
rijzen uw hymnen…
GESPREK
poëzie
4.0 met 2 stemmen
847 Er was geen nood, er was geen zonde,
Die ik niet aan u zeggen konde.
En alle zorg en alle wee
Verzonk in uwer liefde zee.
Gij had geen woorden en gebaren,
Het licht, dat fonkelde in uw haren,
De glans die in uw ogen lag,
Uw klaarheid wàs: de nieuwe dag,
De milde zon, de frisse winden,
't Onwrikbaar aan elkaar verbinden
Van morgenkalmte…
Avond aan Zee
poëzie
5.0 met 1 stemmen
1.457 De gladde golven glippen naar de rede
Met klaterend even, weer gesmoord gekoos,
De hemel schemert over zee, en mede
Is vrede wijd en zijd en tijdeloos.
En uit de haven komen zij gegleden
De boten met hun zeilen roereloos,
Een kantige schaduw tegen donkerheden,
In 't spiegelende nat een schaduw broos.
De nacht is peilloos; waar de…