Bij zijn graf
poëzie
4.5 met 2 stemmen
1.044 De arm vol bloemen, ijlt de vrouw naar 't graf,
Alsof haar stralend dáar te beiden stond,
Wijd open de armen, rijzig, jong en blond,
Haar lief, die haar, wie zij een hemel gaf.
En hijgend buigt ze en bevend kust haar mond
De naam van hem, wien dood nam van haar af.
Zij lijdt voor liefde als voor een zonde straf.
Zij strooit haar bloemen op…
De naam op de duiventil
poëzie
4.3 met 3 stemmen
924 Philas, door de min bestreden,
Had de naam van Amaril,
Met zijn naam, wel diep gesneden
Op de rand der duiventil.
'k Zie haar na haar duifjes treden,
Die ze als anders voeren wil.
't Meisje vindt haar naam geschreven
Bij zijn naam, zij bloost, zij lacht:
Wat zij dacht, is ons om 't even.
Maar wie had het ooit verwacht,
Dat haar…
WAPENSCHOUW
poëzie
4.0 met 2 stemmen
937 Hun lichte vaantjes dragen blaadjes fijn
van bramenbloesem in ’t omsloten dal;
en vedergrassen, wit in zonneschijn,
wuivende pluimen van de vestingwal.
Langs heel het duin een flikkerende lijn
van lichte lansen, op de omgang, al
in dichte rijen hooggericht en pal:
de helmenbossen, die speerdragers zijn.
Boogschutters anderen; op…
Nachtbloesems VIIII
poëzie
4.2 met 11 stemmen
4.657 Kom mede in het duister, mijn kind!
Kom mede in het duister, want de avond is schoon!
Als verstomd zijn de vooglen; geen enkele toon
Zingt er de zangrige wind.
Kom mede in het duister, mijn lief!
Kom mede in het duister, waar niemand ons ziet;
Niet ene enkele bloem ons nieuwsgierig bespiedt,
Waar ze op haar stengel zich hief.
Kom mede in…
Menig zou met recht mijn geluk benijen
poëzie
4.0 met 1 stemmen
1.359 Menig zou met recht mijn geluk benijen
Om de schoonheid van haar, die mij bemint,
Dan hiertegen zijn mijn ogen zo zeer verblind,
Dat ik haar geenszins zou kunnen vrijen.
Ik bemin een ander, die mij zet ter zijen,
Zie, hoe rechtvaardig mij de liefde plaagt,
Door liefde mijwaart van die mij mishaagt,
Door liefde t’haarwaart, die mij niet mag lijen…
Mietje
poëzie
5.0 met 1 stemmen
3.848 ’t Meiske, met zijn’ teele melk,
op zijn blote voetjes,
lang, gelijk nen terruwstelk,
zoetjes, zoetjes, zoetjes
terdt het voort, en anders niet
als zijn teele melk en ziet’t.
’t Meiske hoorde: „Goedendag!”
zeggen, zoetjes, zoetjes:
„Mietje!” ’t Meiske ommezag...
op zijn blote voetjes
viel de melk en, vol verdriet,
wie dat ’t was en…
ZALIG LEEFT HIJ BIJ DE MENSEN
poëzie
4.0 met 2 stemmen
1.372 Zalig leeft hij bij de mensen
Die met herte God betrouwt,
Diens verkiezen, wil noch wensen
Niet en zoekt dat na berouwt,
Maar hert en wil gelaten houdt
En volgt de wil des Heren.
Dees lijdt
En mijdt.
Hij lijdt Gods daad
En mijdt het kwaad:
Dus mag hem hier geen onrust deren.…
Rouwzang
poëzie
4.0 met 2 stemmen
1.047 In 't zwartomfloersd vertrek, in zilvren nacht,
Op 't kleed van rouw het losgebonden haar,
Alleen met hem, voor hem, met schoon gebaar,
De weduw zong haar edele dodeklacht.
Kon zang hem wekken met zijn tovermacht?
Haar hand lag blank, een lelie, op de baar,
Waar sliep wie nóg behoorde alleen aan haar -
Voor 't huis drong volk, een meisje…
ANANGKE *
poëzie
4.7 met 3 stemmen
982 Toen zag ik aan een meer, het meer des doods,
Een vrouw met vaal gelaat en geluw haar,
Zij schepte 't water op, maar liet altoos
De droppels vallen, alle na elkaar.
En daar ik bij haar stond zo vraagde ik haar; —
Maar zij zag op noch om, bewegingloos:
'Ik heb een vriend: is haast de druppel daar,
Waar hij mee valt, of gunt ge 'm nog een…
GEESTELIJKE ZIN OP DE MUZIEKE
poëzie
4.0 met 2 stemmen
1.114 Als had de menigvuldige gedachten
Met alle 's mensen begeerlijke krachten
't Verstand gehoorzamen gelieke,
En reden dan de mate daar slaat
Met ene voorzichtige rijpe raad,
Waar vindt men lieflijker muzieke.
Als Heren, Vorsten, landen ende steden
Eendrachtelijk leven in goede vrede
En d'arme hem neret van de Rike.
Als d'overheid goede…
De vaas
poëzie
5.0 met 1 stemmen
2.848 Snijd van de struik de seringen
stel de bloemen in een aarden vaas
Zoals de aarden vaas draagt
glad juweel van geworden kennis
van zijn kleien oorsprong de herinnering
sluit gij met het laatste doen van uw handen uw verlangen
in de vereniging van de bloem met de aarden vaas…
De zee en het land.
poëzie
4.3 met 3 stemmen
959 Ik houd van het wilde gewentel der zee;
Zij danst met de kiel, en mijn hart dat danst mee:
De kiel is met wakkere zeelui bemand -
En 'k droom van haar glorie, de roem van mijn land.
Ik houd van het dreunend gedaver der zee;
De zee zingt van strijd en mijn hart dat zingt mee:
Zij dondert haar loeiend hoera naar het strand -
En 'k droom…
Meisje voor het feest
poëzie
5.0 met 3 stemmen
873 't Eérst, in blij ongeduld, kwam ze af. Nog toeft geen gast
Ter zaal. Week daar de deur...? de bout schuurt langs de luiken
En 't uur kruipt traag. De dis beurt, glanzend in 't damast,
Zwaar zilver en zoet ooft; in donker-koele kruiken
En transparante fluit smilt 't welig coloriet
Der kaarsen, die hun vlam tot een goud hart ontpluiken…
Het regent, het regent
poëzie
5.0 met 1 stemmen
1.708 Regen spet, regen spat
't zijn geen tranen, 't is geen wenen,
water, water dat vloeit henen
opgepast of je wordt nat -
regen sputtert, spettert, spat;
"ik heb nimmer lief gehad."
Vege zwermen, regenschermen
spreiden doods hun zwarte vlerken
over vreemde vormen uit,
niet van mensen, maar van zerken;
alle zerken togen uit…
Orfeus
poëzie
4.0 met 2 stemmen
1.159 Had Orfeus niet Eurydice gedood
Door zelf te hunkren naar haar levende ogen,
Voor eeuwig had hij haar in ’t licht gevoerd.
Nu stond hij wenend waar zich de afgrond sloot
En had voorgoed zich aan zijn arm onttogen
Wie hij zo vast zich dacht aan ’t hart gesnoerd.
Nu bleef zijn hunkren als een open wond
En ’t lied van nederwaarts gericht verlangen…
Minnelied
poëzie
5.0 met 2 stemmen
3.037 Al droevet die tijt ende die vogheline,
Dan darf niet doen die harte fine:
Die dore minne wilt doghen pine
Hi sal weten ende kinnen al
-Suete ende wreet,
Lief ende leet-
Wat men ter minnen pleghen sal.
Die fiere, die daer toe sijn ghedeghen
Datsi onghecuster minnen pleghen,
Si selen in allen weghen daer jeghen
Stout…
De vrouwen die ik heb gekend
poëzie
5.0 met 2 stemmen
1.148 De vrouwen die ik heb gekend
zijn mij voorbij-getreden
als zwaarden, in vaste vuist geklemd,
die bevriezende sneeuw door-sneden.
Hun hoop, hun schoonheid en hun schroom
bleef in mijn oog geschreven;...
- maar groeide er ooit tot in de boom
wat werd in bast gedreven?
Zo draag 'k, - mijn eigen vreugde wáard -
in naderend minnens-duister…
Ik kan uren zitten turen
poëzie
5.0 met 1 stemmen
1.081 Voor J. Reddingius.
Ik kan uren
Zitten turen
Naar het wiss'lend zilv're spel
Van de stippen,
Die er glippen
Over 't water bij de wel.
Ik kan uren
Zitten turen
Naar 't krioelen door het mos
Van de diertjes
En de miertjes
In het boom-gekroonde bos.
Ik kan uren
Zitten turen
Naar het grillig twijggewoel,…
Het dansende meisje
poëzie
4.0 met 2 stemmen
1.527 Alleen met de overschenen wemeling der golven,
met die langdeinende bewogenheid alleen,
onder de volte van het middaglicht bedolven,
en met de bodemloze ruimte over zich heen. -
met de onafzienbaarheid alleen, die van haar voeten
tot aan de horizon onrustig is en glanst,
en met de wind alleen, en met de wolkenstoeten
rondom haar aan de lucht…
HERFST
poëzie
3.0 met 2 stemmen
1.625 Weer buitlen wij de donkre dagen binnen
Als winter alle licht verholen houdt,
Nu herfst haar wanden heft van louter goud,
Die schragen 't donkrend welfsel en de tinnen
Des tempels, waar z'haar nachtdienst gaat beginnen,
Waarop, daar elk de luchter brandend houdt,
Door duizend duizenden wordt neer-geschouwd,
Die sidderende tuigen van hun minnen…