REIZEN
poëzie
3.0 met 2 stemmen
1.062 Ligt aan de tint des gronds verscheiden verve,
Hangt aan het licht der zon verscheiden aard
Der mensen? Dán, o laat mij, laat mij zwerven,
O laat mij dolen, dolen Oost-, West-waart.
Hoe zoude ik in dit eenzaam kluisken derven.
Kennis dier allen, die in weelde-gaard'
Of woestenij van stad of zand-zee erven
Des levens vonk, uw gave, o Moeder…
Vonkelt er een straal der zonne
poëzie
4.3 met 3 stemmen
779 Vonkelt er een straal der zonne,
lachend in het hart der bronne,
borr’lend zingt ze in heilige wonne:
liefde, liefde zoet!
Kom, terwijl die zielestralen
van het liefke in mij dalen,
zal ik moedig haar herhalen:
liefde, liefde zoet!
Hebt ge, kind, de straal der minne,
‘k voel in mijne ziel en zinnen,
d’eeuwige bronne voor u…
DE DICHTER
poëzie
3.7 met 3 stemmen
811 Toen ik nog daar was, twistten om mijn ziel,
En voerden, met het zwaard gewapend, strijd,
Twee machten, die ik in de handen vie!,
De worm zo noemde ik ze en de oneindigheid.
Maar zie nu naast mijn grafstee opgericht,
Tezaam gebeiteld uit het kuis albast,
En warm besprenkeld door het weemlend licht,
De beide knapen bij hun kus verrast.…
ALLES IN ËEN.
poëzie
3.0 met 3 stemmen
1.003 Geen najaar nog, maar in zijn volle zomer
Strekt zich voor mij het land des Levens uit;
Na 't blanke bloemscherm voor de jonge dromer,
Rijpt voor den man 't geboomt zijn vroegste fruit.
Veel donkre dalen liet ik stijgend achter,
En 't morgenland, dat diep teruggeblauwt:
Een werelds paradijs, waar zacht en zachter
Kleuren vervloeien en het licht…
Waarom die dromen?
poëzie
4.0 met 1 stemmen
1.681 ‘Waarom die dromen? - Weer ze uit uw leven!’
Zo hoor ik stemmen. - Wrede werkelijkheid
Is 't, die van 't wiegje naar het graf U leidt,
Wat kunnen dromen U voor 't leven geven? -
En tóch, tóch acht ik ze mijn hoogste goed,
Die dromen. Of ze ook nevelbeelden blijken,
Zij komen daaglijks heel mijn zin verrijken
Met schatten van genot…
Machtloos lied
poëzie
5.0 met 2 stemmen
854 Waar zal ik vluchten voor het Leven?
Waar zal ik vluchten voor de Dood?
O, Lied, wat kunt gij machtger geven
Dan een rozenhut voor stormende nood.…
Omhoog zien naar de zon de waterrozen
poëzie
3.6 met 11 stemmen
754 Omhoog zien naar de zon de waterrozen,
Kinderlijk, alsof 't Rafaels eng'len waren;
Grauw slib en wijde schem'ringen bewaren,
Die hier de dood stilde tot smartelozen.
Opzuigt de bliksemstorm het meer tot hozen:
Dan staan in blauw doorschijnende pilaren
De doden: hun zwarte ogengaten staren
Boven hun grijns om macabre apotheozen.
Naar…
Ja, treur vrij omdat u de Jonkheid ontvlood
poëzie
4.0 met 2 stemmen
1.911 Ja, treur vrij omdat u de Jonkheid ontvlood,
En met haar de dromen der hoopvolle jeugd.
Want arm wordt ons 't leven aan heil en geneugt,
Zo ras ons verbeelding haar lusthoven sloot.
Geen pantser beschut ons voor 's ongeluks prang,
Als wat onzer Jonkheid de boezem omtoog:
De traan, door de Droefheid ontlokt aan haar oog,
Is zoeter dan '…
WIJN, LIEFDE EN SLAAP.
poëzie
5.0 met 2 stemmen
940 De muzelman weerstaat god Bacchus,
De monnik god Cupido;
Men biedt die goden trots:
God Hypnus slechts is onweerstaanbaar;
Hem volgt, gedwee en willig,
En turk en kloosterling.
De wijn baart dronkenschap, de liefde
Onkuisheid; maar het slapen
Schenkt nuchterheid en tucht.
De dronkaard zoekt alom krakelen,
De onkuise vuile vreugden…
De krekels en de wandelaar
poëzie
4.0 met 2 stemmen
971 De dag ging heen, zonk eenzaam achter
Een oude wijze vlier,
De meiliedjes werden al zachter,
De wei lag vol getier -
De kleine krekels riepen:
Kom hier! kom hier! kom hier!
'k Sloop zachtjes door de bronzen wei,
Het zong er als een lier, -
Ik hoorde 't - ik was heel dichtbij -
Dan zweeg 't - ik zag geen zier, -
't Was verder dat…
Liefdesuur
poëzie
4.5 met 4 stemmen
1.434 Schuitje, dobber zachtjes voort,
Voer mij naar dit eenzaam oord,
Waar in groene frisse dreven,
Door de zomergeur omgeven,
Niets de kalme ruste stoort.
Schuitje, dobber, dobber zacht;
Weldra zendt de koele nacht
Zijne frisse schaduw neder,
En de nachtegaal zingt teder
Zijne zoete minneklacht.
Weldra zal de zilvren maan
Aan de starrenhemel…
Sluimer
poëzie
4.0 met 1 stemmen
756 Stil! - Duizendogig spiegelt zich in 't meer
De nacht, en laat haar bleke luchter beven,
Die gloeiend witte glanzen heen doet zweven
Om 't, rond de diepte reiend, rotsenheer.
En Sluimer daalt op vlinderwieken neer,
Met wuivend rijs, waaraan de druppen beven,
Die dauwend droom en zoet vergeten geven,
En zweeft in schaduw peinzend heen en weer…
Bloemen, sterren, grassen en de zon
poëzie
4.0 met 3 stemmen
1.031 Bloemen, sterren, grassen en de zon
Nemen voortaan het bedoelen over
Van de kleine mensen op de aarde.
Want de werelden die in hen zijn
Moeten wachten op het mensenwoord
Dat hun zeggen zal waarom zij werden
Bloemen, sterren, grassen, en de zon.…
Een lege postbode verdrinkt op de landweg
poëzie
3.7 met 7 stemmen
3.468 Voor A. Morriën
het is verdomd al weer haast herfst
en mijn vermoeid lichaam dat geen honing kent
lichaam zwak boven mate en gespleten
het is een oud huis als in Greenwich Village
de bomen staan haastig in te pakken
hun bladeren gaan in de koffers van de grond
de wind is een gezwinde sleutel
en over het deksel legt zij een kleed…
NACHT-KAPEL
poëzie
4.3 met 6 stemmen
1.419 Daar hing geen zucht, geen vrage;
Daar was maar stilt' en duisternis
En mystisch viel er groenig-vaal,
Op heilgenbeeld een manestraal
In de ouw' Maria-nis.
Heel flauwkens monkel-lachend,
Als of 't zijn leste lachsken was,
Leek 't lampken Gods, in 't duistre rond,
Een blom, die zonder water stond
In rood kristallen glas.
Daar had ik geern…
O dood vlies van de torengracht
poëzie
4.0 met 1 stemmen
1.009 O DOOD vlies van de torengracht
en wreed gewekte kreet der zwanen,
de angst vloeit klam toe door de lanen
en stolt rondom de pijlerschacht.
O krimpend hart, dat uit de sprong
der wurgende belagers hoog naar boven
omhoog zich worstelde sloven
aamechtig sinds het zich ontwrong,
walmende lamp, die opgetild
met floersen roet het smeulend…
Wens
poëzie
4.7 met 3 stemmen
773 Mijn aar zij zwaar,
Als hem de sikkel telt;
Mijn kroon zij schoon,
Als hem de bliksem velt.
De dood brengt nood,
Zo niet vereelt hem reikt
De hand een pand,
Waaruit de dagvlijt blijkt.
Mijn zon, Uw bron
Springt nog voor aardse dorst;
Ach warm, dat arm
Ik niet zal staan, mijn borst.
Mijn aar zij zwaar,
Als hem de sikkel telt;
Mijn…
Anecdote
poëzie
3.8 met 4 stemmen
762 Hoe groot, ô Mahomet! zijt ge in mijne ogen,
Door de eedle daad, voorwaar te min bekend;
Daar gij, verplicht om tempelwaarts te treden,
Terwijl uw kat op uwe mantel sliep,
De brede mouw, waarop zij vrolijk rustte,
Veel liever van de purpren mantel sneed,
Dan in zijn sluimren ’t zoete dier te storen!
Gezocht en eindelijk verkregen rust…
De koning is gekommen!
poëzie
4.0 met 2 stemmen
1.543 De grote zon, de zomer is
ten oosten uitgeklommen,
bezoekende zijn koninkrijk...
De volkeren, de groten en
de klenen, alle lieden
hem koninklijk begroeten gaan
en blijde inkom bieden.
De mannen zijn veel sterker nu
ten arbeide, en de vrouwen,
ze slaan wel nog zo dapper, met
de la, de weefgetouwen.
De jongens…
's Levens reis.
poëzie
3.0 met 3 stemmen
1.106 Met voor-de-wind en gunstig tij,
- Een wonder schoon begin -
Met volle zeilen streven wij
De wijde wereld in.
O! mocht op 's levens oceaan,
Zoo kalm als thans de waterbaan,
Van storm en strijd
En ramp bevrijd,
Ons scheepje voorwaarts gaan.
't Zij Oost of West of Zuid of Noord
Het lot ons henen voer',
Wij zeilen onbekommerd…