KINDERGEDACHTEN
poëzie
3.1 met 20 stemmen
5.273 Het regent - o, wat regent het!
Ik hoor het uit mijn warme bed,
Ik hoor de regen zingen, -
Het regent, regent dat het giet -
Dat niemand daar nou iets van ziet,
Van al die donkre dingen!
Het ruist en regent en het spat -
Nou worden alle bomen nat
En plast het in de sloten, -
Het regent óver- óveral!-
O hé! daar loopt het zeker al
Bij straaltjes…
TUSSEN DE TWEE *
poëzie
3.5 met 14 stemmen
4.723 Die binnen
de bergen
te wonen
verkiest,
des morgens,
zijn deel in
de zonne
verliest.
Des avonds,
nog eer hij
zijn bedde
bezoekt,
te vroeg is
de zonne ‘m
bedekt en
bedoekt.
Die boven
de bergen
wilt huizen,
en kan
de wind niet
verdragen,
en ‘t ruisen
dervan.
Het zomert
er late…
De banneling
poëzie
4.0 met 13 stemmen
3.098 Hoe bar, hoe onverzoenlijk bitter
Heerst wintertijd over het land.
De bodem prijkt met wit geschitter.
De maagre boom staat zwart verbrand.
De onzaalge boom schudt zwarte kraaien
Onwillig over 't witte land:
Een groot penseel dat onheiltekens waaien
laat over het geduldig land.
Ik kan de vreemde tekenen niet lezen.
Ze omdwarrelen mij vluchtig…
Werking der muziek
poëzie
3.1 met 10 stemmen
3.017 Wat is mijn hart toch,
Wanneer gij, o klanken,
Mij met geluid overspuit
Uwer spranken? -
Is het een gaarde,
Waar bloemen, die bloeien,
Daar 't felle steken der zon bezweken,
Van dorst verschroeien? -
Is het een bloemperk,
Waar goudgele bijen,
De geuren stelen der paarsfluwelen
Violen-reien? -
Is het de boekweit,
Waar hommelhorden…
Vergeten
poëzie
4.1 met 19 stemmen
4.604 Het was 't einde van de dag,
Die was aan het bezwijken -
Ik was alleen en lag
Er stil naar te kijken.
Ik voelde mij moe
En krom van 't lopen,
En dromerig keek ik hoe
De miertjes wegkropen.
Ik voelde mij niet arm, niet rijk,
Maar een kind van de aarde,
En aan haar bloemen gelijk,
Waarover ik heenstaarde.
En zo, zonder vreugde…
DE NAVOND KOMT ZO STIL
poëzie
4.0 met 16 stemmen
6.137 De navond komt zo stil, zo stil,
zo traagzaam aangetreden,
dat geen en weet, wanneer de dag
of waar hij is geleden.
‘t Is avond, stille... en, mij omtrent,
is iets, of iemand, onbekend,
die, zachtjes mij beroerend, zegt:
'‘t Is avond en ‘t is rustens recht.'
De bomen dragen gans de locht
vol groen, nog onbestoven;
en ‘k zie, zo dicht hun…
ONBEWUSTE AVOND
poëzie
3.3 met 10 stemmen
3.904 Van 't lauwe kroes doorgeurd ligt om de vijver loom de lucht
Op de vondel staat een late zwaan
Zo eenzaam is niet één van ons en roerloos
Niet één van ons laait zo hartstochtelik een vlam
zich toewaarts als dees' rode beuk
Van 't gipsen beeld dat tans in de schaduw staat
- alleen een gipsen garve…
O Herders-knaap
poëzie
2.9 met 11 stemmen
4.374 O Herders-knaap, die bliest op zoete fluitjes,
Wie zijt gij wel, wie meent gij wel te wezen:
Een van die dichter-vorsten, die vóór deze
Zongen hoog uit, niet zoekend naar geluidjes,
Maar zich-zelf voelend in diep-innig vrezen
Voor hun-zelfs grootheid, op 't gelaat der luidjes,
Daarom-heen luistrend, heerlijk staand te lezen?
Gij…
Credo
poëzie
3.7 met 6 stemmen
6.452 Ik stut de hoop van mijn gemoed
Met mijn geloof in God de Vader,
Almachtig en volkomen goed,
Die hemel, aarde en zee te gader
Hun wezen gaf. Ik rust meteen
Op Jesus, boven zijn genoten
Gezalfd, des Vaders Zoon alleen,
Van eeuwigheid uit Hem gesproten,
Ons aller Priester, Vorst en Heer
En Leraar, waardig prijs en eer :
Die, in de tijd ook…
Het Kerelskind*
poëzie
3.2 met 25 stemmen
5.200 - Van waar koms du* getreden
Zo laat door rein* en wind,
Van waar komst du getreden,
Alleen, du blonde kind?
- Du smidje van de woude,
Ik kome van het veld
Waar vader heeft gestreden,
Waar vader ligt geveld.
- Lo*! viel hij, ’t was met ere*,
Dijn* vader welbemind.
Wat bergt dijn blauwe schabbe*,
Du arrem heldenkind?
- Du smidje, ’t…
Voor jou en mij
poëzie
3.3 met 19 stemmen
5.225 Nu dwalen in de' avond die geuren
Ons pad voorbij -
Al die bloeiende bomen, die geuren
Voor jou en mij.
O lieve! in de avondzon blozen
Wij allebei -
Zie: al die bloemetjes blozen
Om jou en mij.
Hoor je die krekeltjes zingen,
Al énerlei -?
Die liedjes, die diertjes, die zingen
Van jou en…
Bij het sterfbed
poëzie
3.4 met 13 stemmen
4.772 Hij stond voor haar gebogen,
Zich zelve nauw bewust;
Hij stond haar aan te staren:
Daar lag zij in eeuwige rust.
Het waslicht beeft en wemelt
Op 't levenloos gezicht,
De zaal is groot en somber,
'Is zij het, die daar ligt?'
Wat denkt die diepbedroefde,
Daar bij het dodenbed?
- Hij denkt aan kleine vreugden,
Die hij haar heeft belet…
OP JONKVROUW ISABELLE LE BLON
poëzie
3.6 met 11 stemmen
4.794 (Overleden de 28 van Zomermaand 1636)
Hier sluimert Isabel le Blon,
Die, als een roosje met de zon,
Blijgeestig op haar steeltje stond,
En riep met een bedauwde mond:
Wat is de schoonheid? wat 's de roem
Der jongheid anders als een bloem?
Dit was haar eerste en laatste leer,
Toen zweeg ze stil, en sprak niet meer.…
Golgotha
poëzie
3.7 met 25 stemmen
12.020 De Man der Smarte
Hangt aan het hout,
Geschuwd door allen
En uitgejouwd.
De middagzonne
Straalt brandend heet
Zij schroeit de Heiland:
Hem schut geen kleed.
Het volk verguist Hem,
Bespot Hem luid:
‘Gij, valse Godsman,
Uw spel is uit!’
Hij hoort zijn stemme
Zo vlijmend koud:
‘Kom nu, Verlosser,
Kom af van ’t hout!’
De overpriestren…
Geen luid geluid
poëzie
3.4 met 12 stemmen
3.712 Geen luid geluid, geen luid geluid
De winter vriest de vreugden uit.
Maakt grond en sneeuw en harten hard
En al de bomen zwart.
De hutten staan zo kil en stil
Alsof haar elk gesloten wil
Daarbinnen dringt de koude maar,
Daar uit de dodenbaar.
Gebogenhoofds, vereenzaamd, droef
Een moeder die haar kind begroef
Sluipt wanhoop d' aarden straten…
Het wafeleterke
poëzie
3.7 met 6 stemmen
2.581 Heel alleen aan 't tafelke,
Eet ons kindje een wafelke.
Hapt alhier een hoekske,
Boter vlekt zijn doekske.
Gaapt en bijt alginder,
Weer een putteke minder.
Dan in 't wilde, zeere, zeer,*
Altijd voort en altijd meer:
Wafel in zijn handekes,
Wafel in zijn tandekes,
En zijn gretige ogen gaan
Naar het bord waar de ander staan.
----------…
Nu huilt de winter in mijn hart.
poëzie
3.1 met 16 stemmen
5.060 Nu huilt de winter in mijn hart,
De vlagen donkren buiten,
Als wilden beiden van de smart
De flauwe ogen sluiten.
Dat is gekomen van de pracht
Dier schone zomerdagen,
Wier gloed geen menselijke macht
Noch bloeisel kan verdragen.
O, droefheid van dit Aards gezicht!
Het moet toch al verdorren-
Het mensen-hart, het zonne-licht,
Zij sterven…
Sonnet
poëzie
3.8 met 17 stemmen
5.848 Sponsae aeternae*
Ik weet dat gij mij nog verschijnen zult,
Zo zeker als de bloemen wederkomen:
Der dingen dove dek hebt gij genomen,
Het donkre leven dat de steden vult,
De winterwind die klaagt door dorre bomen,
Ten sluier die uw eeuwge glimlach hult...
Ik zou gelukkig zijn, als slechts geduld
De slaap kon vinden om van u te dromen...…
De Lijster
poëzie
4.6 met 9 stemmen
2.941 Duizend jaar? Hij had het klooster
vroeg verlaten: op de paden
Lag de dauw: de hyacinten
Hingen blauwgetrost te bung'len
in de scheem'ring tussen 't hakhout,
Leeuw'rikken, die luchte-krekels,
tjirpten hel in hoge hemel:
Web van klank in web van stralen.
Neuriënd liep hij: gonsde een kever
Langs zijn voorhoofd? Ruchtte een haasje…
Zielsgedichtjes (XLVIII)
poëzie
3.4 met 14 stemmen
4.520 Th. S., UURWERKMAKER 1880
God geeft de tijd bij dag en jaar,
ach neen, bij kleine tikskes maar,
en 't laatste tikske komt aleer
men 't peist of weet, eilaas, te zeer!
De wijzer wijst elke uur en tijd,
maar de uur niet dat gij schuldig zijt
te sterven! Zijt dus voorbereid,
de wijzer wijst naar de eeuwigheid.…