Het dal
poëzie
3.0 met 3 stemmen
1.753 Zie 't wijde dal, in zachte sluimering verzonken,
omsluierd van het dikkend duister, - eindloos ver,
geruisloos, lichtloos, als van d'avondwijn nog dronken.
Ginds pinkt, verdooft, pinkt weer één pinkelende ster.
"Pâle étoile du soir, messagère lontaine,"
zo zingt ons zwellend hart de grote zanger na;
is 't mooglijk dat uw oog van reine…
Ik wens u
poëzie
3.9 met 22 stemmen
7.626 Ik wens U een jaar
Als een alfabet
Met alle letters van A tot Z
Van arbeid, blijheid en
Creativiteit
Tot zegen, zon en zaligheid.…
Daar liep een dichtje
poëzie
2.3 met 7 stemmen
3.776 Daar liep een dichtje in mijn gebed,
en 'k wilde 't aan de kant gezet,
maar, niet te doen, het wilde en 't zou
mij plagen, als ik bidden wou!
En nu is mijn gebed gedaan,
en 't dichtje is 'k weet niet waar gegaan:
vergeefs gezocht, vergeefs, o wee,
'k en vinde noch rijm noch dichtje meer!…
Sonetten II
poëzie
2.8 met 6 stemmen
2.217 Ik wou, ziel! dat gij goed waart, eind'loos goed,
Dat gij uw vijanden vergaaft en bad
Voor wie u kwaad doen, dat ge een wet bezat,
Die zei, dat ge al wie lijdt, beminnen moet.
Gij hebt die wet, ja, maar zo dikwijls doet
Ge alsof ze er niet was, of ge 'r woord vergat,
Of gij u zélf vergat, want, ziel! gij had
Geen wetten dan u zelf…
Het spijtig meisje.
poëzie
2.8 met 6 stemmen
2.735 Piet:
Aardig Meiske, lieve Zoetje,
Trouw eens eindelijk jouw Piet.
Kom, mijn lieverdje, nu moet je!
Wees toch zo kieskeurig niet.
Kijk, daar sta ik als zo'n snijer;
Spreek dan Zoetje, wil je mij?
Ben ik dan geen kante vrijer?
Heb ik dan geen Boerderij?
Zou jij mij nu lopen laten,
Ben je mij dan niet getrouw?
Ik kan op zijn Steeds…
Winterlied van een landjongeling
poëzie
3.8 met 6 stemmen
2.006 Hoe sneeuwt, mijn geliefde! de vlokkige wol,
Zo blank als uw boezem, de dalvelden vol!
Het noorden ombuldert ons hutje op 't norst,
En hek en geboomte is met rijp overkorst.
't Is winter! het ijs nam de beek in bezit;
De daken der landlijke stulpen zijn wit,
En grauw en eerwaardig, met zilveren top,
Rijst ginter de staatlijke kerktoren…
Hoort gij het heldere fluiten der vinken?
poëzie
3.2 met 6 stemmen
1.522 Hoort gij het heldere fluiten der vinken?
gadekens winken
hun zacht en zoet;
’t jonge gebroedje begint, om te paren,
’t liefdeverklaren,
want minnegloed
glimt in hun gemoed.
Noem me niet koekoek, o lustige vrinden,
haast zult ge vinden
een lieflijk kind;
haast zult ge heimlijk aan hoeken en straten
fluistren…
Omgekeerde Sint Franciscus
poëzie
3.1 met 8 stemmen
1.540 De heilige Man in zijn pij keek door het raam naar de ganzen,
Lachte: wat snaatren die beesten! kon ik ze maar verstaan!
Zij zeiden: kijk, de heilige Man ging onder de mensen,
Werd lichtvaardig als zij en nam hun manieren aan.…
Heimwee
poëzie
2.7 met 9 stemmen
2.733 Der bomen kruinen buigen,
Ontbladerd van hun groen.
Nu gaat de winter komen
En alles treuren doen.
Het graan is in de schuren,
Het geurig hooi in 't droog,
En de appels op de zolder,
Op hopen - o zo hoog!
Wat hebt gij van de zomer
Vergaard en opgedaan?
- Gedachten zonder einde,
vervlogen en vergaan.
Wat staat ons nog te wachten
Dan…
Naar buiten gauw, om bloemen in te gâren
poëzie
3.6 met 5 stemmen
1.337 ‘Naar buiten gauw, om bloemen in te gâren,
Naar buiten!... hoor de winden somber jagen.
't Is winter, ach! waar zijt gij heengevaren,
Of frisse geuren, schone zonnedagen?
De min verjongt mijn hart; ik, arme dromer,
'k Meende t'allen kant de jeugd te vinden,
En juichte: hé, naar buiten, lief! 't is zomer
En alle mensen zijn mijn goede…
JONG OUD
poëzie
3.4 met 9 stemmen
1.872 Wie kan jonge mensen
Leren jong te zijn?
Tegen vroeg verslensen
Helpt geen zonneschijn.
Veel, dat fris moest spruiten,
Blijkt ter kiem verdord.
Maar de merels fluiten,
En de zomer wordt.…
o Gij die kommrend sterven moest
poëzie
4.1 met 7 stemmen
2.189 [Wijding-sonnet ter Gedachtenisse en Ere mijns vaders]
o Gij, die kommrend sterven moest, en Váder waart,
en míj liet leven, en me teder léerde leven
met uw zacht spreken, en uw strelend handen-beven,
en, toen ge stierft, wat late zon op uwe baard;
- ik, die thans ben als een die in de avond vaart,
en moe de riemen rusten laat, alleen…
O, laat mij tot uw voeten komen,
poëzie
3.4 met 12 stemmen
3.861 O, laat mij tot uw voeten komen,
Omdat gij niet uw boezem biedt,
En, zachtjes lachend, zalig droomen
Van al mijn heen-gegaan verdriet.
O, laat mij tot uw voeten komen,
Omdat gij niet uw boezem biedt,
O laat mij met uw woorden spelen,
Omdat gij mij uw mond ontzegt,
En 't lieve, dat uw mond mij zegt
Als kussen van uw lippen stelen…
De verzenzegster
poëzie
3.2 met 5 stemmen
1.552 Voor Maria van Royen
Zij zeide langzaam verzen, en het was
Een zoet geruchten als van zomerregen
In windeloosheid, en het zeer genegen
Aarzlend verwelkomen van wachtend gras.
Koelte doorstreek haar stem, alsof een glas-
Kralen gordijn klaar ritselde in ’t verlegen
Bewegen van een hand; dan beefde tegen
De vochte grijsheid plotseling een…
Najaarslaan
poëzie
3.9 met 15 stemmen
5.220 Ik keek in de gouden heerlijkheid
Van een najaarslaan,
Het was of ik de goudene deuren wijd
Zag openstaan,
Het werd mij, toen ik binnen ging,
Of ik door gouden gewelven liep:
Ik aarzelde even, ik ademde diep,
Diep van verwondering.
Ik voelde mij eerst als een kindje, dat stout
Doet wat verboden is;
Ik sprak: 'Zijn voor mij die gewelven gebouwd…
Voor een natuurdichter
poëzie
3.2 met 5 stemmen
1.824 De dagen van de zomer zijn getogen
De jeugdpracht van de blâren vergaan,
Hun gouden tover is nog troost voor de ogen
Maar weldra zullen naakt de bomen staan.
Hoe is op deze dag mijn hart bewogen,
Dat mart in ’t bos en wil er niet vandaan,
Het weet de pracht dier zuilengang en bogen
En uchtendlucht aan ’t einde van de laan.
Nog is de droom…
Leonoor
poëzie
3.0 met 13 stemmen
4.461 Leonoor, mijn lieve licht,
Voor uw oog de zonne zwicht
Met haar blonde stralen,
Die gans niet, in mijn gezicht,
Bij zijn glorie halen.
Vonken folie aan die git,
Gitten met uw gouden pit,
Bliksemt niet zo fellijk
Dat het hart, dat u aanbidt,
T' ene maal verwellek.
Lieve Leonoor, gij moordt
't Harte dat u toebehoort
Met uw lieve lonken…
Wanneer gij ...
poëzie
3.5 met 13 stemmen
3.803 Wanneer gij onder mij ligt, wij zijn stil
van vuur, dan ziet uw wit gezicht mij aan
van liefde, en uw ogen zijn vol tranen.
Gij had het niet gedacht, dat zo iets was
op aarde, en uw ogen vullen zich als twee
meren, door bronnen, komend uit uw hart.
Zoals gij aan mij hangt, uw ogen maken
twee streken opwaarts naar mijn ogen.
Ik dacht niet dat…
De nieuwe drankwet
poëzie
3.2 met 8 stemmen
2.652 Langzaam gaat ons ras verslappen,
Holland heeft al lang gekraakt;
Daarom word er op het tappen
Gauw een strenge wet gemaakt.
Als we dan geen drop meer drinken
Is het Vaderland gered.
Laat ons daarom stevig klinken
Op die nieuwe proppieswet.
In Den Haag woont de Minister,
Die de man is van de dag.
Hij bedenkt er en beslist er
Hoeveel iemand…
Grafschrift van mijn hondje Gekkie
poëzie
2.8 met 16 stemmen
2.921 Hofwijck, 25 oktober 1682
Dit is mijn hondjes graf.
Ik zeg er niet meer af
dan dat ik wenste (en de weer’ld was niet bedorven),
dat mijn klein Gekkie leefde en alle grote storven.
----------------------------------------------------
niet meer af - niets anders over
en de weer’ld was niet bedorven - en de wereld zou er
niet slecht mee…